Close

Ouderschap op latere leeftijd heeft ook voordelen: 'Ik kan er nu veel meer van genieten'

17 juli 2020 03:07 / Nieuws
V Vorige week overleed Tineke Geessink, de vrouw die op 63-jarige leeftijd moeder werd en daarmee veel kritiek oogstte. Ze laat een 9-jarige dochter achter. Ouderschap op latere leeftijd heeft zo zijn risico’s en nadelen, maar er zijn zeker ook voordelen. Daar kunnen Claire (moeder op haar 46ste) en Malin (dochter van een oudere vader) over meepraten.

40 is al lang geen harde grens meer voor het moederschap. Ook na je 40ste kun je nog zwanger raken, al is dat natuurlijk geen vanzelfsprekendheid en wordt het medisch gezien wel degelijk lastiger. Maar kijk naar Katja Schuurman, die op haar 45ste zwanger is, en politica Sharon Dijksma, die vorig jaar op haar 48ste beviel van een dochter. Steeds meer vrouwen gaan er toch nog voor. Claire (48) was 46 toen ze weer moeder werd. Ze had al drie dochters met haar ex-man, van nu 20, 18 en 14. Twee jaar geleden kwam daar haar vierde dochter bij: Fien, gedragen door Claires 37-jarige vrouw.

Al op de derde date zei de nieuwe liefde van Claire dat ze nog wel kinderen wilde. “Als ik dat niet zag zitten, zou het tussen ons niets worden. Ik was verliefd en stond er niet negatief tegenover, maar had wel zoiets van: shit, wil ik wel nog meer kinderen? Sta ik daar als een oude taart op het schoolplein. Maar omdat ik niet zwanger hoefde te zijn en het kind niet hoefde te baren, zou het voor mij minder zwaar zijn, dacht ik.” Na een tijdrovende zoektocht naar een geschikte donor werd dochter Fien geboren, inmiddels twee jaar geleden.

Gebroken nachten

Dat was heftiger dan Claire had verwacht. “Die gebroken nachten zijn nu veel zwaarder. Ik was vergeten hoe verschrikkelijk dat slaapgebrek is. Ik kan er nu veel minder goed tegen dan toen ik 27 was. Het duurde heel lang voordat Fien doorsliep, het was een superpittige tijd. Ik heb een eigen bedrijf en wist vaak niet hoe ik de dag door moest komen na al die slapeloze nachten. Toen dacht ik weleens: jesus christ, hoe ga ik dit allemaal voor elkaar krijgen?”

Ook heeft ze nu minder energie dan vroeger. “Een kind van 2 gaat de hele dag als een Duracellbatterij door en je kunt niet even zeggen: mama gaat in de tuin zitten, zoek jij het maar uit. Je moet altijd aan staan. Terwijl ik soms echt rust nodig heb omdat het even te veel is.” En dan is er nog de perceptie van anderen. “In het begin was ik weleens bang dat mensen dachten dat ik Fiens oma ben. Ik voelde me echt voor lul lopen als oud wijf met een kinderwagen.”

Claire (48) met dochter Fien (2)
Claire (48) met dochter Fien (2)

Minder onzeker

Aan de andere kant is ze nu veel relaxter, zegt ze, omdat ze ouder is en het allemaal al eens heeft meegemaakt. “Ik sta er minder onbezonnen in dan bij de eerste drie en ben me veel bewuster van wat er allemaal mis kan gaan, maar kan ook uit ervaring putten en ben minder onzeker als ouder. Ik weet nu: als je aardig en lief bent en goed voor ze zorgt, dan komt het altijd wel goed met je kinderen – los van externe invloeden. Bij de eerste drie dacht ik: God hoe moet ik dit doen? Nu weet ik: het komt wel goed. Dan blijven ze maar een jaar zitten of dan halen ze hun zwemdiploma maar niet in één keer, uiteindelijk kunnen ze allemaal lopen, zitten en praten als ze 20 zijn, dus het maakt allemaal niet zoveel uit. Ik kan er nu meer van genieten, ben meer in balans. Toen was ik net student-af, nu heb ik mijn eigen bedrijf en hoef ik niet meer van alles van mezelf, ik heb ik een bepaalde rust gevonden.”

Toch ziet ze een vijfde kind niet zitten. Haar partner wil wél nog heel graag een tweede. “Dat snap ik heel goed, ik gun het haar heel erg en heb nog overwogen om het voor haar te doen, maar ik kan het niet. Ik ben nu bijna 49, ik ga dat gewoon niet redden. Mijn hoofd zit nu ‘vol’ met deze vier meiden en ik wil het voor iedereen goed doen en aankunnen. Ik krijg het nu letterlijk benauwd bij het idee van een vijfde en weet na een eerdere burn-out dat ik goed naar mijn lichaam en geest moet luisteren. Maar ik wil ook niet degene zijn die haar een kind ontneemt. Daarom hebben we besloten om voorlopig uit elkaar te gaan, zodat zij haar kinderwens voor zichzelf kan uitzoeken. We hopen er natuurlijk samen uit te komen, om uiteindelijk liefdevolle ouders te kunnen zijn voor Fien en haar grote zussen.”

Goed voor de opvoeding

Dat we tegenwoordig steeds later aan kinderen beginnen is medisch gezien niet verstandig, maar op andere gebieden heeft het wel voordelen, zegt Carolien Gravesteijn, Lector Ouderschap & Ouderbegeleiding aan de Hogeschool Leiden. “We worden steeds ouder en blijven langer gezond, dus het is ook logisch dat die leeftijd omhoog gaat. In algemene zin is dat niet nadelig. Oudere ouders hebben meer levenservaring, kiezen vaak veel bewuster voor het ouderschap, staan over het algemeen steviger in hun schoenen, de partnerrelatie is vaak sterker omdat ze al veel hebben meegemaakt samen én ze zijn beter voorbereid op het ouderschap omdat ze in hun omgeving al de worstelingen van andere ouders hebben gezien. Ook zijn ze vaak stabieler, dat komt de opvoeding ten goede. Een kind is beter af met oude ouders die jong van geest zijn, dan met jonge ouders die het allemaal niet aankunnen.” Excessen zoals bij de 63-jarige Geessink juicht ze echter niet toe. “Daar zou ik zeker niet voor willen pleiten. Met welke intentie begin je er dan aan? Denk ook na over wat het betekent voor de ontwikkeling van je kind. Die verliest op jonge leeftijd een ouder.”

Een oudere vader

Malin (36) kwam voort uit een ‘tweede leg’. Haar vader was 53 toen zij geboren werd. Dat had zowel voordelen als nadelen, zegt ze. Om met het allergrootste nadeel te beginnen: Malins vader leeft niet meer. Toen ze 15 was, overleed hij, op 69-jarige leeftijd. “Natuurlijk kan dat ook gebeuren als je vader jonger is, maar hij was langer bij ons geweest als hij niet zo oud was geweest toen hij ons kreeg.”

Als kind had ze nooit zoveel moeite met het feit dat haar vader ouder was. Ja, mensen dachten weleens dat hij haar opa was, maar verder was ze zich er niet zo van bewust. Pas later ging ze zich realiseren dat ze toch wel dingen is misgelopen. “Hij heeft nooit echt vaderdingen met ons gedaan, zoals met elkaar spelen, voetballen of eropuit gaan samen. Mijn vader was niet de meest fitte persoon, hij was niet iemand die voor zijn lol een stuk met je ging fietsen. Daar had hij de energie niet voor. Nu ik ouder ben vind ik dat wel jammer. Als hij tien of twintig jaar jonger was geweest, hadden we samen op vakantie gekund of wat meer vader-dochterdingen kunnen doen.”

Wat ze dan wel weer fijn vond: ze kon met al haar vragen en problemen bij hem terecht. “Hij had al vier kinderen voordat hij mij, mijn broer en zusje kreeg. Hij had dus al de nodige ervaring, dat was wel een voordeel denk ik. Hij had veel levenswijsheid, werd niet snel boos en begreep de meeste dingen waar wij als vroege pubers tegenaan liepen wel. Hij kon alles goed in perspectief plaatsen. Maar of dat nu echt aan zijn leeftijd lag, is natuurlijk de vraag. Nu ik zelf kinderen heb kijk ik er anders naar dan toen. Ik zou niet zo snel met een man van boven de 50 aan kinderen beginnen.”