Close

Wat ik had willen weten voordat… ik bekeerde tot de islam

16 februari 2021 01:02 / Religie
Lena en haar echtgenoot
Lena en haar echtgenoot
H Hindsight is 20/20 zeggen ze wel: achteraf weet je het allemaal zo goed. Kennis waar je zelf niks meer aan hebt, maar waar je een ander wel mee kan helpen. Daarom vragen we in deze rubriek aan ervaringsdeskundigen: wat had je graag eerder willen weten? Dit keer vertelt Lena over haar bekering tot de islam.

Stel je voor, je groeit op in de Randstad. Je gaat naar de Vrije School en vervolgens naar een witte christelijke middelbare school. Je staat bekend als de leerling die zich afzet tegen het geloof. Twee keer per dag bidden met de klas? Liever niet! Maar dan besluit je, op 28-jarige leeftijd, te bekeren tot de islam. Welk impact heeft dat op je leven? En op de manier waarop je wordt gezien door je omgeving? Lena (32) vertelt hoe het voor haar was en is.

Lena is een jonge vrouw met een rustgevende, zachte stem. Ze spreekt op bedachtzame manier, pauzeert vaak om na te denken over haar formulering en zoekt tijdens het spreken soms snel iets op: “Wacht even, ik moet het wel goed uitleggen.” Ze draagt een okergele doek, op eigenzinnige manier om haar haren geknoopt.

'Feminisme en de islam hoeven helemaal geen tegenpolen van elkaar te zijn.'

Ze legt uit dat het geloof geen statisch gegeven is, maar een reis. “Ik werd niet van de ene op de andere dag moslim. En ik ben nog steeds aan het leren en mezelf aan het ontwikkelen. Hoe passen de onderdelen van het geloof in mijn leven? En voor welke onderdelen ben ik al klaar en voor welke nog niet? Dat gaat stapje voor stapje.” Daarnaast is de islam heel persoonlijk. “Het is iets tussen mij en God”, legt Lena uit. De manier waarop zij het geloof beleeft, is dus haar manier.

1. Zelfs de ongebonden ongelovige kan zich bekeren

Lena groeide op in de Randstad. “Ik ging eerst naar de vrije school. Vrij elitair”, vertelt ze over haar jeugd. “Ik werd opgevoed met veel keuzevrijheid. Ik koos zelf mijn middelbare school. We moesten daar een paar keer per dag bidden. Dat stoorde me niet, maar ik deed er ook niet aan mee. Dus stond ik bekend als het rebelse kind dat zich afzette tegen het geloof.”

Toch heeft Lena nu het gevoel dat ze zich al in die periode onbewust voorbereidde op het moment dat ze zou bekeren. “Al tijdens mijn jeugd zag ik zo nu en dan iets van de islam”, legt ze uit. “Mijn moeder was bekend met de Marokkaanse gemeenschap in Rotterdam door haar werk op de hogeschool en haar vrijwilligerswerk bij een alleenstaande islamitische moeder. Ik ging weleens mee. Later ging ik veel reizen en kwam ik in aanraking met allerlei culturen. Vooral Maleisië vond ik indrukwekkend. Ik heb daar zoveel bijzondere en mooie mensen ontmoet. Ik maakte een vriendin met wie ik mijn eerste Ramadan en Suikerfeest heb meegemaakt, nog voordat ik zelf moslim was.”

Maar het meeste van haar kennis over de islam, had Lena van tv en de krant. “Toen ik mijn huidige man ontmoette, zat ik daardoor nog in mijn fase ‘de islam is een supervervelende religie’. Het is heel strikt en ouderwets, vrouwen zijn minderwaardig, de wetenschap heeft geen plek, het wordt geassocieerd met terrorisme.” En die meningen stonden de liefde in de weg. Ze waren superverliefd, maar gingen toch uit elkaar. Lena riep namelijk altijd dat ze nooit zou bekeren, terwijl haar man van mening was dat er binnen een huishouden geen ruimte is voor meerdere geloofsovertuigingen: twee geloven op één kussen, daar slaapt de duivel tussen.

Toen het uit was, begon Lena zich af te vragen waar haar angst voor de islam vandaan kwam. Ze ging zich verdiepen in het geloof. Vooroordeel na vooroordeel konden de prullenbak in. Uiteindelijk bekeerde ze vier jaar geleden. Of ze zich daarna een anders mens voelde? “Nee, eigenlijk niet. Ik ben nog steeds dezelfde persoon, nog steeds gewoon Lena. Alleen met een nieuwe taak erbij.”

2. Je kunt je flink vergissen in de islam

Lena blijkt een tikkie feministisch. Ze herinnert zich nog goed dat ze tegen haar toenmalige geliefde en inmiddels haar echtgenoot zei: “Ik denk niet dat ik ooit moslima kan worden, want dan moet ik tot een mannelijke god bidden.” Toen Lena zich in de islam ging verdiepen was dan ook het eerste dat ze googelde ‘feminisme en de islam’. Ze kwam er al snel achter dat feminisme en de islam geen tegenpolen van elkaar hoeven zijn. “In de islam wordt de vrouw op een voetstuk geplaatst. Ze is het mooiste juweel dat er is. De profeet Mohammed sprak ooit: ‘Onder de voeten van je moeder ligt het paradijs.’” Je moet je moeder met respect en liefde behandelen. En over dat paradijs gesproken, anders dan in de bijbel, was het volgens de koran niet alleen Eva (die in de koran Hawwa wordt genoemd) die van de verboden vrucht at, maar gingen Adam en Eva samen de fout in. Volgens de koran werden man en vrouw gelijk geschapen. “Mannen en vrouwen kennen in de islam over het algemeen gelijke rechten en plichten”, vindt Lena.

'Mensen zijn ineens bang voor me. Bang dat ik radicaliseer of dat het niet goed met me gaat.'

Dat de islam ouderwets en eenkennig is, blijkt volgens Lena ook niet helemaal waar. De eeuwenoude verzen kunnen nog steeds relevant zijn. “Er leven tegenwoordig steeds meer islamitische jongeren in westerse, gemengde samenlevingen. De koran en hadith (een verzameling teksten over de levenswijze en uitspraken van Mohammed, red.) vertellen ons hoe we daarmee om moeten gaan: Ik aanbid niet wat jullie aanbidden. En jullie zijn geen aanbidders van wat ik aanbid. Daarom, voor jullie jullie godsdienst en voor mij mijn godsdienst. Hierover wordt door Mufti Menk, een prediker die Lena inspirerend vindt, veel gesproken. “Bekijk hem maar eens op Instagram. Hij ziet er echt uit als een stereotype moslim”, lacht Lena. “Lange baard, wit gewaad. Je hoort jezelf bijna denken: straks dropt-ie een bom.” 

Trouwens, Lena’s vrees tot een man te moeten bidden, bleek een hersenspinsel. Haar opmerking daarover werd beantwoord met hard gelach van haar echtgenoot: “Hoe kom je erbij dat God een man is? Heb je hem ooit gezien? We kunnen toch helemaal niet bedenken hoe God eruit ziet. Dus het is in elk geval geen man en ook geen vrouw.”

3. Veroordeel het vooroordeel

De vooroordelen over de islam die ze zelf had, herkent Lena bij veel Nederlanders. “Het stigma en de stereotypering rondom moslims zijn in Nederland zó negatief. Ik word daar als moslim iedere dag aan blootgesteld. Mensen zijn ineens bang voor me. Bang dat ik radicaliseer of dat het niet goed met me gaat.” Deze vooroordelen krijgen vaak uiting in de rare, kwetsende vragen die mensen Lena stellen: ‘Hoe denkt je man over het slaan van jullie kind? Nu moet je zeker stoppen met werken, he?’

Lena en haar koran
Lena en haar koran

“Dat had ik van tevoren niet zo sterk verwacht.” Lena’s man had dat van tevoren wel zien aankomen. “Mijn man wilde dat ik er heel goed over nadacht voordat ik zou bekeren. Hij vertelde me dat veel mensen hun vrienden en familie verliezen door dat besluit. Ik heb geluk gehad dat mij dit niet is overkomen.” Lena’s man kreeg het wel zwaar te verduren, vertelt ze. “Veel mensen zagen mijn man als de grote boosdoener, degene die me heeft overgehaald naar the dark side. Hij zou mij vast gedwongen hebben me te bekeren.” Lena vervolgt: “Iedereen heeft een mening over de islam. Maar de islam is zó complex en de meeste mensen zijn eigenlijk vrij slecht geïnformeerd over wat het inhoudt. Dus waarom heeft iedereen er iets over te zeggen?”

Tegenwoordig woont Lena met haar man en zoontje in Oregon in de Verenigde Staten. Daar ervaart ze minder vooroordelen. “In Nederland ben ik vaak bang om anderen bang te maken. Ik zal daar niet zo snel bidden als ik bij iemand thuis ben. In de VS voel ik me vrijer. Ze zien me hier als iets exotisch en dat wordt gewaardeerd. En Amerikanen stellen sowieso minder vaak persoonlijke vragen. In Nederland vroeg iemand me naar mijn seksleven met mijn man. Niet eens een goeie vriendin van me! Dat gebeurt hier niet zo snel.”

4. De islam leert je hoe je een goed leven leidt

Lena vertelt dat ze voor haar gevoel een beter mens is geworden sinds ze bekeerd is. “De koran en de hadith bieden mij een handboek voor hoe ik moet leven, een soort moreel kompas. De mensen om mij heen merken dat ik  aardiger en liever geworden ben. De islam inspireert mij om elke dag een goed mens te zijn. Natuurlijk lukt dat niet altijd en dat is oké. Ik doe iedere dag in ieder geval weer mijn best. Daarbuiten loopt het leven zoals het moet lopen.”

'Er bestaan gewoon halal frikandellen!'

Daarnaast geeft het geloof haar innerlijke rust. “Ik krijg er een kalm hart van. Er zijn veel verzen die troosten als ik het zwaar hebt of kracht bieden als ik dat nodig hebt. Eentje die veel moslims mooi vinden is: je wordt niet zwaarder belast dan je aankan. Dit geeft me vertrouwen in mijn eigen kracht.”

Voor Lena lijkt de islam dan ook een beetje op het boeddhisme. De rust, inspiratie en kalmte die sommigen in het boeddhisme vinden, vindt zij in de islam. Bidden staat daarnaast voor Lena gelijk aan mediteren.  

5. Het dagelijks leven is nog steeds het dagelijks leven

Hoewel Lena’s geloof zich geleidelijk ontwikkelt, is er een aantal dingen dat van de ene op de andere dag veranderde. “Ik stopte met alcohol drinken”, vertelt Lena. “Dat was vrij makkelijk. Alcohol had voor mij al langere tijd geen gezellig karakter meer, vanwege een verslaving in mijn omgeving. Nu drink ik in Nederland wel eens 0.0. Dat geeft dezelfde ervaring als een normaal biertje. Vroeger rookte ik. Ik vind het veel lastiger om nooit meer een sigaretje aan te raken dan nooit meer alcohol te drinken.”

Of het moeilijk is om halal te eten? “Totaal niet. Ik weet nog dat ik het zo jammer vond dat ik na mijn bekering nooit meer frikandellen zou kunnen eten. Maar er bestaan gewoon halal frikandellen!” Zo nu en dan wordt er eens iets bereid wat Lena en haar man niet eten. “Een tijd geleden gingen mijn man en ik langs bij mijn oom in Zwitserland. Hij wist wel dat we moslim zijn, maar hij had even één en één niet bij elkaar opgeteld en worstjes voor ons klaargemaakt. Dan eten we daar gewoon omheen.”

'Sommige moslims vinden de hijab het allerbelangrijkst binnen de islam. Ik vind dat onzin.'

Dan de kledingkast, iets waar veel bekeerlingen tegenaan lopen. “Ik hoefde zelf niet van de ene op de andere dag mijn garderobe te verbranden. Mijn kleding was al vrij modest. Geen diepe decolletés of minirokjes”, zegt Lena. “Mijn skinny jeans draag ik nog steeds, maar dan met een topje dat over de heupen valt. Ik kijk vaak op Instagram en Pinterest naar hoe andere moslima’s zich kleden. Zo heb ik geleerd hoe ik me modieus kan kleden, maar toch discreet.” De hijab is voor Lena een non-issue. Ze vindt dat moslima’s daarmee moeten doen en laten wat ze willen. “Sommige moslims vinden de hijab het allerbelangrijkst binnen de islam. Ik vind dat onzin. Ik snap dat het voor sommigen belangrijk is, maar ik vind het onterecht als moslima’s erop aangevallen worden als ze de hijab niet dragen of niet volgens de regels. Aardig zijn, goede manieren hebben en liefde geven, dat is voor mij veel belangrijker.” Lena vervolgt: “Wat ik trouwens nóg grotere onzin vind: vrouwen die worden aangevallen als ze de hijab wél dragen. Ik post daar vaak over op Instagram. Ik kom op voor de hijabis.”

Een gebruik waarover gediscussieerd wordt onder moslims en waar veel bekeerlingen moeite mee hebben is kerst. Als je met kerst naar je familie gaat, ben je dan een christelijk feest aan het vieren of kom je gewoon samen met je familie? “Ik ga met kerst gewoon naar mijn familie. Ik wens ook iedereen fijne kerstdagen. In samenlevingen waar veel geloven naast elkaar bestaan, zoals Maleisië, Singapore en Sri Lanka, of de VS waar veel joden leven, is het gebruikelijk om te zeggen: ‘Merry christmas, if you are celebrating.’”

Een gebruik waarover niet gediscussieerd kan worden, is bidden. Het is vrij duidelijk dat je als moslim geacht wordt vijf keer per dag te bidden. “Ik probeer dit iedere dag, maar met een zeven maanden oude baby is het soms een enorme uitdaging.”

Voor Lena is het de islam waarin ze een handboek voor een goed leven vindt. “Maar als jij dit op een andere plek vindt, ook prima. Whatever floats your boat.

Nina van Rijn