Close

Grote personeelsproblemen jeugdzorgorganisaties, kinderen de dupe

26 juni 2022 10:06 / Nieuws
Archieffoto
Archieffoto
D De tekorten in jeugdzorg lopen steeds verder op. Het lukt zeker 9 van de 14 jeugdbeschermingsorganisaties in Nederland op dit moment niet meer om alle kwetsbare kinderen op tijd te voorzien van een jeugdbeschermer. Dit blijkt uit een inventarisatie van de onderzoeksredactie van RTL Nieuws.

Arina Kruithof bestuurder bij Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond en Jeugdzorg Nederland maakt zich hier zorgen over: "Ik heb er buikpijn van. Ik vind het kwalijk dat wij als samenleving de meest kwetsbare kinderen onvoldoende prioriteit geven."

Onveilige thuissituaties

Een kind krijgt een jeugdbeschermer toegewezen als het thuis niet goed gaat. Volgens Kruithof zijn dit gezinnen die te maken hebben met een opeenstapeling van problemen. "Het zijn situaties waar de veiligheid van het kind in het geding is en de ouders zelf onvoldoende in staat zijn om voor hun kind te zorgen." Het gaat dan bijvoorbeeld om psychische problematiek, verslavingsproblematiek, huiselijk geweld, kindermishandeling en complexe scheidingen.

De rechter bepaalt dan dat er een ondertoezichtstelling moet komen. Een gezin moet daarna binnen vijf dagen een vaste jeugdbeschermer toegewezen krijgen. Maar in veel gevallen lukt het jeugdbeschermingsorganisaties niet of nog maar net om aan deze norm te voldoen.

Lange wachttijden

Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond is een van de organisaties waar dit op dit moment niet lukt. De gemiddelde wachttijd loopt in Rotterdam op tot 60 dagen. "Als het om kwetsbare kinderen gaat is het juist zo ontzettend belangrijk dat er een vaste jeugdbeschermer is. Dat een kind iemand kan bellen waar hij zijn zorgen bij kwijt kan", zegt Kruithof.

Ook Jeugdbescherming Brabant slaagt hier vaak niet in. In juni lukte het de organisatie om 55 procent van de aangemelde kinderen binnen vijf werkdagen te bezoeken. Om kinderen toch zoveel mogelijk hulp te bieden, werken Jeugdbescherming Brabant en Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond met een speciaal instroomproces.

Maar dit instroomproces houdt wel in dat er keuzes gemaakt moeten worden welk kind als eerst geholpen wordt. "Het liefst helpen we alle kinderen direct. Maar door het tekort aan medewerkers komen de zaken die het minst urgent zijn helaas later aan de beurt", zegt Rinda den Besten, bestuurder Jeugdbescherming Brabant.

Overzicht organisaties

Negen jeugdbeschermingsorganisaties zeggen tegen RTL Nieuws dat het niet lukt om binnen de wettelijke norm van vijf werkdagen een vaste jeugdbeschermer toe te wijzen. Dat zijn:

De Jeugd- & Gezinsbeschermers (Noord-Holland), Jeugdbescherming Brabant, Jeugdbescherming Noord (Groningen & Drenthe), Jeugdbescherming Regio Amsterdam, Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, Jeugdbescherming West (Zeeland & Zuid-Holland), Jeugd Veilig Verder (Zuidoost Brabant, Gelderland en Nijmegen), Leger des Heils Jeugdbescherming en Reclassering (landelijk), William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (landelijk). 

Na publicatie heeft Bureau Jeugdzorg Limburg aangegeven dat zij wel aan de norm voldoen.

Ook Jeugdbescherming Overijssel, SAVE Jeugdbescherming (Utrecht), Regiecentrum Bescherming en Veiligheid (Friesland) geven aan wel aan de norm te voldoen.

Jeugdbescherming Gelderland is de enige organisatie die de vragen niet heeft beantwoord.

In de knel

Maar ook instellingen die nog wel aan de norm voldoen noemen de situatie urgent. Regiecentrum Bescherming en Veiligheid, de jeugdzorginstelling uit Friesland, geeft aan dat er op dit moment geen wachtlijst is. "Maar dat is een momentopname die onder druk staat."

Jeugdbescherming Overijssel zegt dat ze op een zeer dun lijntje te balanceert. "Wanneer de werklast niet op korte termijn gereduceerd wordt en het vertrek van personeel buiten proportioneel blijft, dan komen ook wij in de knel."

Weinig personeel en veel verloop

De krappe arbeidsmarkt wordt als oorzaak genoemd. Het is voor jeugdzorginstellingen steeds moeilijker om geschikt personeel te vinden en te behouden. Bij Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond zijn er sinds begin 2022 46 medewerkers uit dienst gegaan en 17 medewerkers bijgekomen.

Bij vertrek geeft het personeel vaak als belangrijkste reden de hoge werkdruk, zegt Kruithof. "Een jeugdbeschermer heeft op dit moment te maken met 14 à 15 gezinnen. Dit zouden er eigenlijk 8 of 9 moeten zijn." Een jeugdbeschermer in Rotterdam heeft op moment gemiddeld maar twee uur per week tijd voor een gezin. En dat is inclusief administratie en het zoeken naar passende hulp.

Ook jeugdbeschermingsorganisaties die het nog wel lukt om vacatures te vullen lopen tegen problemen aan. De gesproken instellingen geven aan een hoog verzuim te hebben. Dit samen met de wisselingen van personeel zorgt ervoor dat niet alle jeugdbeschermers altijd volledig inzetbaar zijn. "Een nieuwe medewerker kun je natuurlijk niet in één keer een volle caseload geven", zegt Den Besten.

Meer financiering

De werkdruk moet volgens de instellingen omlaag. "We missen de steun van de overheid. Wij hebben meer mensen nodig zodat we het aantal gezinnen waarvoor we verantwoordelijk zijn kunnen verspreiden over meer medewerkers", zegt Kruithof. Om dit voor elkaar te krijgen is er meer financiering nodig.

Het ministerie van Justitie en Veiligheid, die verantwoordelijk is voor de jeugdbeschermingsorganisaties, laat in een reactie weten de problemen te herkennen en dat het tekort aan jeugdbeschermers hun volle aandacht heeft. Het Rijk werkt daarom aan een stimuleringsregeling om zij-instroom binnen de jeugdbescherming te bevorderen zodat de werkdruk omlaag kan.

Gemeenten verantwoordelijk

Maar volgens het ministerie zijn de gemeenten in de eerste plaatst verantwoordelijk voor de jeugdzorg. Het Rijk is daarom met de jeugdbeschermingsorganisaties, jeugdbeschermingsregio’s en de verantwoordelijke gemeenten in gesprek om goede afspraken te maken over tarieven, het verlagen van de werkdruk en het waarborgen van de kwaliteit en continuïteit in de jeugdzorg.

Maar alleen meer jeugdbeschermers lost de situatie volgens het ministerie op korte termijn niet op. Daarom investeert de sector volgens het ministerie ook in het verlagen van administratieve lasten, het terugdringen van agressie en geweld en het verbeteren van het imago van het werken in de jeugdbescherming.

Deborah de Nies