Close

Kennis maken: een boek schrijven

11 maart 2020 10:03 / Boekenweek
V Van nieuwe dingen leren krijg je energie. Maar hoe weet je waar je echt in wil investeren? In deze rubriek vragen we iedere week kenners naar hun kennis: waar doe je die op als je het simpel wil houden, en waar kan je terecht als je the whole shebang zoekt? Met deze week omdat het Boekenweek is: zo leer je schrijven.

Je hebt misschien weleens dat statistiekje voorbij zien komen dat een miljoen Nederlanders ervan droomt schrijver te worden. Dat bleek bij nader inzien niet helemaal waar, maar dan nog: ieder jaar verschijnen er tienduizenden nieuwe titels en wordt een veelvoud daarvan in manuscripten bij uitgeverijen aangeboden.

En dan hebben we het nog niet eens over de hobbyisten die op tochtige zolderkamertjes of gewoon op een laptop aan de keukentafel hun hersenspinsels vaste vorm proberen te geven. Of dat wel zouden willen, maar niet weten waar ze zouden moeten beginnen. Voor hen is dit artikel: hoe leer je schrijven? En hoe maak je er een dan ook echt een boek van?

Schrijver en docent Janneke Jonkman (42) weet als geen ander hoe het voelt. Twintig jaar geleden debuteerde ze met haar roman Soms mis je me nooit en sindsdien bracht ze nog drie romans, een tv-film en een boek voor tweelingmoeders uit en heeft ze een succesvolle blog voor (tweeling)moeders. Al die ervaring deelt ze met haar cursisten van schrijfopleiding De Schrijftuin.

Het verbaast me steeds weer hoe snel mensen echt betere schrijvers kunnen worden

Voor iedere schrijver (in wording) zijn drie zaken essentieel, vertelt ze: talent, doorzettingsvermogen en een gevoel van urgentie. “Talent is natuurlijk mooi meegenomen, maar aan techniek valt te schaven. In mijn cursussen ben ik steeds weer verbaasd hoe snel mensen met sprongen vooruit kunnen gaan, écht betere schrijvers kunnen worden. Doorzettingsvermogen is eigenlijk nog belangrijker. Wie een boek wil schrijven, moet zitvlees hebben en een lange adem. Je kan al het talent van de wereld hebben, maar zonder zelfdiscipline, komt er niks van terecht. Daarom is een gevoel van urgentie ook zo belangrijk: het idee dat lezers zitten te wachten op wat jij te vertellen hebt. Dat maakt het makkelijker om al die uren achter je toetsenbord door te brengen.”

Low-key kennismaken

Want dat is waar iedere schrijver begint: bij die lege pagina, met een knipperende cursor of een nieuwe pen in de aanslag. Low-key instappen is dus helemaal niet moeilijk, maar waar begin je? Jonkman: “Het beste werkt het om ‘je eigen verhaal’ te vertellen, zoals ik dat noem, het verhaal dat jou past: wat heb jij te delen? Maar als je daar nog niet achter bent, kan je bijvoorbeeld ook eens de Plot generator proberen. Dat is een speelse manier om je op allerlei ideeën in allerlei genres te brengen.”

Een goed plot is sowieso van groot belang: “Zonder plot geen urgentie. Dan gaat je verhaal kabbelen en ben je je lezer kwijt.” Veel gratis schrijftips – bijvoorbeeld over hoe je dan een goed plot opbouwt – vind je op schrijvenonline.org.

En zorg hoe dan ook, zegt Jonkman, dat je je schrijfsels laat lezen, ook als beginner. “Als je een schrijfbuddy hebt, kan je eens in de paar weken afspreken en elkaars werk doornemen. Heb je gelijk meteen een stok achter de deur. Of zoek een welwillende meelezer, maar dan wel een die echt kritiek durft te geven. Aan iemand die elk woord fantastisch vindt, heb je niks.”

Een tikkie intensiever

Wil je er wat meer tijd en moeite in stoppen, dan is er een aantal boeken dat je op weg kan helpen. “Ik raad Big magic van Elizabeth Gilbert aan, Schrijven vanuit je hart van Nathalie Goldberg of Het geheim van de schrijver van Renate Dorrestein. Om je innerlijke kunstenaar in het algemeen te ontwikkelen, blijft de klassieker The artist’s way van Julia Cameron een goede optie.”

Schrijfplezier lees je eraan af en maakt een tekst meteen tien keer zo goed

Het is sowieso belangrijk – en leuk! – om als aanstormend schrijver veel boeken van anderen te lezen. “Dan kan je bij jezelf nagaan: wat spreekt me hier zo in aan? En dan kijken of dat ook bij jouw eigen stijl past.” Wil je wat meer interactie, dan zijn er allerlei verschillende workshops te vinden, door het hele land. Schrijven magazine organiseert ieder jaar rond half september een Schrijfdag met workshops, lezingen en speeddates met auteurs, schrijfcoaches en uitgevers.

Het diepe in

Wie z’n schrijfkunsten echt naar een hoger plan wil helpen, doet er goed aan een schrijfcursus te volgen. Dat kan natuurlijk online, zegt Jonkman, bijvoorbeeld bij Editio. “Maar mocht je enigszins in staat zijn naar een echte klas te komen, zou ik dat aanraden. Je leert ontzettend veel van je medecursisten, ook van de feedback die zij krijgen. En de groep geeft je een stok achter de deur om ook echt voor iedere les iets in te leveren.”

Een goede cursus vind je bijvoorbeeld via de Schrijversacademie, die door het hele land te vinden zijn, en bij Jonkman’s eigen Schrijftuin in Amsterdam. “Binnen de lessen besteden we aandacht aan alle basistechnieken: een boeiend plot, een logische structuur, personages met diepgang, spannende dialogen, urgentie, een passende vorm, een goed begin en een overtuigend eind. We focussen sterk op schrijfplezier, dat lees je er direct aan af en maakt een tekst tien keer zo goed.”

Een andere aanrader is de cursus van Magonia in Utrecht, van uitgever en redacteur Lex Jansen. Die biedt ook schrijfreizen en -retraites aan. Dan werk je een week lang onder begeleiding aan je manuscript – meters maken dus.

Down the rabbit hole

Weet je zeker dat jij de volgende Saskia Noort of Peter Buwalda bent? Droom je ervan jouw roman in de boekwinkels te zien liggen? En ben je niet bang om je werk voor een toelating te laten beoordelen? Ook dan zijn er genoeg opties.

Bij de Schrijversvakschool kan je een vierjarige deeltijdopleiding tot schrijver volgen. Wel particulier, dus het kost wat: voor 2400 euro per jaar heb je 32 weken lang 6 uur per week les. Daarnaast wordt verwacht dat je zeker 8 uur per week nog zelf aan je huiswerk kan besteden.

Daar leer je zeker van schrijven, maar dan heb je nog geen uitgever die meekijkt. Dat gebeurt wel bij Magonia dus, in de topklas van de Schrijftuin, en ook bij de Meesterproef van de Querido Academie, waar iemand van een literair agentschap meeleest (en dus niet iemand van de uitgeverij zelf). “Zelf een manuscript rondsturen naar uitgeverijen, levert vaak weinig op”, vertelt Jonkman. “Die redacteuren krijgen zo veel opgestuurd, dat ze het meeste niet eens kunnen lezen.” Mooi dus als die stap al onderdeel is van je opleiding.

“Een andere mogelijkheid is om een literair agent in te schakelen. Als die er wat in ziet, kan die proberen te zorgen dat je boek-in-wording gelezen wordt. Maar uitgeefgarantie krijg je nooit, en als het wel een succes wordt, moet je natuurlijk een deel van de opbrengsten aan die agent afstaan.” Jonkman zelf biedt VIP coaching aan en als een werk veelbelovend is, stuurt ze het naar haar contacten bij uitgeverijen. “Dat vergroot je kansen en kost niets extra.”  

En er zijn ook genoeg gratis manieren om je teksten gelezen te krijgen. Door mee te doen aan voordrachtavonden en schrijfwedstrijden bijvoorbeeld, korte stukjes te publiceren op Instagram, eventueel met een link in bio naar een blog met langere teksten. “Uitgevers en redacteuren houden dat soort dingen echt wel in de gaten.”   

Peper Hofstede

LEES MEER OVER

EVA OP INSTAGRAM