Close

Het zalig falen, met Nicolaas Veul

30 april 2020 11:04 / Persoonlijke groei
Nicolaas Veul
Nicolaas Veul
Z Zonder wrijving geen glans. Redacteur Lizzy van Hees spreekt daarom iedere week iemand over zijn of haar royal fuck-ups en uitzinnige uitglijers, de dingen die niét goed zijn gegaan. Leveren die missers ook wat op?

Programmamaker Nicolaas Veul zit vol faalverhalen: "Ik ben zo vaak op mijn bek gegaan, waar moet ik beginnen?" Het meest recente voorbeeld is misschien wel zijn 100-daagse avontuur om leraar te worden. Samen met collega Tim den Besten maakte hij voor de VPRO-serie '100 dagen voor de klas'. Na een cursus voor zij-instromers volgt er een carrière-uitstapje naar het onderwijs dat gepaard ging met de nodige uitdagingen.

Had je verwacht dat je als leraar zou falen?

"Hell yes. Het hele idee achter het project was dat we misschien zouden falen voor de klas. Maar het was ook meteen mijn grootste angst. We zijn honderd dagen docent geweest, dat vak leer je bij uitstek door te spartelen, te vallen en weer op te staan. Je leert het door 't te doen."

Je wordt keer op keer voor de leeuwen gegooid

"Voor de klas staan is eigenlijk zalig falen in het kwadraat. Want ook al gaat het mis, je móet door. Je wordt keer op keer voor de leeuwen gegooid, dat zullen veel beginnende leraren herkennen als ze straks weer voor de klas staan. Hoe moeilijker de klas, hoe meer je ervan leert. Als leraar moet je er eigenlijk voor zorgen dat jij de gorilla bent op de apenrots. En nooit emotioneel reageren, want als leerlingen eenmaal bloed ruiken, ga je onderuit."

Maakt dat het extra zenuwslopend?

"Natuurlijk is het sowieso al spannend om iets te doen wat nieuw is en buiten je comfortzone ligt. Ik vind het bijvoorbeeld altijd al spannend om een presentatie te geven, maar normaal gesproken kan ik het resultaat wel enigszins sturen. Dan denk ik na over hoe ik de spanning ga opbouwen en ik bereid het goed voor. Hoe beter ik me voorbereid, hoe zekerder ik zo'n presentatie inga."

"Maar voor de klas... Ja, dat is andere koek. Je moet precies weten hoe je dat uur gaat vullen. Dus je moet een verhaal hebben, maar ook een goede opdracht bedenken, nadenken over hoe je reageert op mogelijke vragen. En misschien nog belangrijker: je begint met 1-0 achterstand, want je hebt vaak met publiek te maken dat niet echt op je zit te wachten. Zie daar maar eens een uur de aandacht vast te houden. En je kan je natuurlijk niet verstoppen als je voor de klas staat. Ook al voel je dat het verkeerd gaat, je kan nergens heen."

Een recept om te falen, hoe ziet op je bek gaan voor de klas eruit in de praktijk?

"Ik weet nog dat ik op een gegeven moment voor een vrij onrustige klas stond. Ik was natuurlijk nieuw, dus ze pikten m'n gezag niet. Ik zei dat iedereen recht moest gaan zitten en z'n boeken op tafel moest leggen, oortjes uit - je kent het wel. Daar hadden ze geen zin in. In plaats van te luisteren, besloten ze me uit te testen."

Voor ik het wist, stonden ze allemaal de Snollebollekes na te doen

"Op een gegeven moment haalt iemand een goudvis in een plastic zakje uit zijn tas: 'Moet je kijken wat ik heb gekregen'. Ik dacht: oké, dit is een test. Dus eerst werd ik een beetje bozig, ik wilde gewoon met de les beginnen. Dus ik zei: 'Kom op, doe die vis weg'.

Toen kwamen de andere leerlingen eroverheen: 'Maar Kevin is jarig, die wil gewoon zijn cadeau laten zien'. Op zo'n moment is het schakelen in je hoofd, want je wilt wel een leuke leraar zijn. Vooruit, we gaan zingen, besloot ik. En op het moment dat je het lied inzet, dringt de realisatie zich aan me op dat Kevin natuurlijk helemaal niet jarig is. Ik baalde daar echt van, maar probeerde mijn emoties te beheersen, anders houd je de controle niet. Maar het was al te laat en voor ik het wist stonden ze allemaal de Snollebollekes na te doen: 'Naaaar links, naar rechts'."

Geef je je er dan maar gewoon aan over?

"Ik wil gewoon naar huis, dacht ik. Het voelde als een hele fysieke manier van falen. Het doet iets met je, het is alsof het gevoel overal in je lijf gaat zitten. Aan de ene kant voel je de controle gewoon uit je handen glijden, maar het gaat ook gepaard met buikpijn."

Als leraar moet je de kudde leiden

"Uiteindelijk glijdt dat gevoel ook wel weer weg. Voor die leerlingen is het ook best lollig, zo'n invaldocent die je even probeert te laten zien wie écht de baas is. Maar er zit wel een diepere consequentie aan vast, want op het moment dat ik geen controle heb over een klas, ontstaat er een onveilige werksfeer. Niet alleen voor mij, maar ook voor de leerlingen. Als leraar moet je de kudde leiden, daar moet iedereen op kunnen vertrouwen.

Als ik geen orde kan houden, laat ik eigenlijk zien dat je van mij kunt winnen. Voor sommige leerlingen is dat een duidelijk signaal: degene die mij moet beschermen, is daar niet toe in staat. Dat heeft niet alleen consequenties voor hoe leerlingen zullen presteren, maar ook voor de mate waarin ze zich kwetsbaar op durven te stellen. Als er een onveilige sfeer heerst, zijn er leerlingen die helemaal geen presentatie meer durven geven."

In 'Superstream me' heb je ongeveer alles van jezelf laten zien voor het oog van heel Nederland, is zo'n clubje kids dan niet peanuts in verhouding?

"Natuurlijk kun je naarmate je ouder wordt steeds beter relativeren. Na zo'n dag blunderen voor de klas kon ik mezelf echt wel wijsmaken dat het er gewoon bij hoort. Maar het fysieke ongemak en de onzekerheid van het onbekende blijven altijd. Zeker als je nieuwe dingen probeert. In het begin denk ik altijd: oeh, dit is heel spannend. Inmiddels ben ik wel bekend met dat gevoel. Het ongemak is part of the deal, maar met de jaren kan ik het veel beter verdragen. Ik ben er niet meer zo bang voor."

Zijn er wel manieren om er mee om te gaan? Zodat het je minder in de weg zit.

"Met goede voorbereiding kun je al een heleboel winst behalen. Ik vind het best leuk om een presentatie te geven, maar ik heb 't ook wel eens helemaal verprutst tijdens een presentatie bij de VPRO. Ik was te zenuwachtig en kwam totaal niet uit mijn woorden. Dat is doodeng, elke zin die ik uitsprak voelde als een doolhof in mijn hoofd. Het gebeurt eigenlijk nooit zonder reden, want ik wist meteen waar het aan lag. Ik had me die keer gewoon niet goed voorbereid. Als je het in de voorbereiding al laat afweten, dan neem je jezelf eigenlijk niet serieus. En dan wordt het moeilijk om een idee aan iemand anders te verkopen."

De adrenaline moet omhoog en je moet je plek bevechten

"Als er een overeenkomst is tussen het leraarschap en mijn werk in de media, is het dat je in beide vakken een podium hebt. Daar moet je aan wennen, maar helemaal vertrouwd wordt het niet. De beste leraren zijn na jaren nog hartstikke zenuwachtig als het nieuwe schooljaar begint. Gaat het nog wel lukken? Pikken ze me nog? Die vragen houden je ook wel scherp in je vak.

Natuurlijk kun je routine creëren, maar het feit dat je moet performen én een instant reactie krijgt, geeft spanning in je lijf. Die kun je ook in je voordeel gebruiken; de adrenaline moet omhoog en je moet als het ware je plek bevechten. Door die spanning wordt je focus beter en kun je excelleren. Volgens mij moet Gijs Scholten van Aschat nog steeds kotsen voordat hij op moet. Maar die opgebouwde spanning, zorgt er misschien ook wel voor dat er energie vrijkomt als je eenmaal op het podium staat."

Heb je ook wel eens iets gedaan, wat niet zo goed uitpakte en waar je nog steeds van baalt?

“Een paar jaar geleden heb ‘Nicolaas op oorlogspad’ gemaakt, een serie over de Tweede Wereldoorlog. Ik heb dat toen op een andere manier gefilmd dan ik normaal doe, heel close en poëtisch. In de praktijk beviel het me helemaal niet. Ik kwam daar te laat achter en dan zit je in een rijdende trein, waar je niet meer vanaf komt. De laatste aflevering kreeg een slechte recensie. Dat raakt me diep, die aflevering kan ik nog steeds niet kijken. Als iemand erover begint, krimp ik een beetje ineen. Het is mijn achilleshiel. Dat komt misschien ook omdat ik het niet opnieuw kan doen, dat ik het niet kan fixen. Het resultaat is zoals het is.

Voor dit interview moest ik ook denken aan de eerste keer dat ik een artikel opstuurde naar het NRC, toen ik net begon met werken. Mijn vrienden waren al bezig met baantjes en ik was jarenlang alleen maar aan het feesten geweest. Ik voelde de druk om ook aan de bak te gaan en besloot een artikel te in te sturen over een theaterfestival in Jeruzalem, waar ik op dat moment was. Ik ben er denk ik wel vier dagen mee bezig geweest, wat heb ik daar mijn best op gedaan. Via via had ik een mailadres achterhaald van een redacteur bij de krant en daar stuurde ik het heen. Ik kreeg het terug, volledig in het rood. Ik geloof dat de feedback was: 'Ik begrijp al lezer niet waar je bent, wat je doet, en waarom? Ik kan hier helaas helemaal niets mee'."

Als er veel op het spel staat, valt er ook veel te behalen

"Ik schaamde me dood. Probeerde ik een keer wat en kreeg ik dit als antwoord. Ik vond mezelf op dat moment erg zielig, haha. Maar er kwam ook een bewijsdrang omhoog. Ik leerde er twee dingen van, ten eerste: dit nooit meer. Maar aan de andere kant dacht ik ook: fuck it, ik moet hier doorheen. Want ook al bakte ik er niets van, vond ik het wel leuk om te doen. Uiteindelijk werd mijn nieuwsgierigheid meer geprikkeld dan mijn schaamte."

Falen is dus niet zo erg?

"Volgens mij zijn we vooral bang om te falen door de consequenties die we er zelf aan verbinden: 'zie je wel, ik kan helemaal niets' en 'ik ben niets waard'. Ik had mezelf aangepraat dat mijn eerste artikel meteen goed moest zijn, maar in werkelijkheid had ik de tools helemaal nog niet om, iets goed te schrijven. Ik wilde een shortcut. Een keertje falen betekent niet dat je meteen bent gefaald als journalist en maar beter iets anders kunt gaan doen. Soms moet je dat ongemak op durven te zoeken om er iets van te leren. Sterker nog: falen is leren met de juiste mindset. De schaamte moet je niet te serieus nemen.

De meeste clichés zijn nou eenmaal waar, en dingen worden vaak pas mooi als je voelt dat je het eng vindt. Dat betekent vaak dat je op het juiste spoor zit. Doet het iets met je? Doet het pijn? Heb je niet helemaal zin om het te maken? Als ik die vragen met 'ja' beantwoord, weet ik dat ik een goed onderwerp te pakken heb. Als er veel op het spel staat, valt er ook veel te behalen."

'100 dagen voor de klas' is iedere donderdag om 20.50 uur te zien op NPO3. Kijk de eerste paar afleveringen hier terug.

Op de redactie zijn we ontzettend fan van de podcast How to fail van de Britse schrijver Elizabeth Day. In deze ode aan falen interviewt de schrijver iedere week iemand over drie cruciale momenten waarop het misging. De podcast vormt de inspiratiebron voor deze rubriek en is enorm de moeite waard om naar te luisteren.

Lizzy van Hees