Close

Het zalig falen, met Ismail Aghzanay

08 december 2020 12:12 / Persoonlijke groei
Ismail Aghzanay
Ismail Aghzanay
Z Zonder wrijving geen glans. Redacteur Lizzy van Hees spreekt daarom iedere week iemand over zijn of haar royal fuck-ups en uitzinnige uitglijers, de dingen die niét goed zijn gegaan. Leveren die missers ook wat op?

In 2018 werd Ismail Aghzanay (29) uitgeroepen tot Leraar van het jaar in de regio Rotterdam. Het geheim van zijn succes? Een combinatie van kwetsbaarheid, humor en duidelijke grenzen. En zijn eigen – allesbehalve makkelijke – schoolcarrière heeft ook een behoorlijke vinger in de pap. Zoals Ismail zelf zegt: "Succes bestaat niet uit titels, roem of geld. Het bestaat uit ontwikkeling en uit groei." Daar is hij zelf het levende bewijs van en die visie probeert hij nu dagelijks over te brengen als docent Engels. Hoewel hij ver is gekomen, heeft Ismail ook spijt van een aantal uitspattingen van vroeger.

Toen je in groep 2 zat, werd je door jouw basisschool naar een andere school gestuurd. Waarom?

"In groep 1 en 2 zat ik op een reguliere basisschool, net als mijn broers en zussen, maar voor de zomervakantie zei de schoolleiding dat ik niet in het plaatje paste. Ik moest naar een cluster 4-school, speciaal onderwijs voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen. Ze vonden mij te druk, onhandelbaar zelfs."

'De schooldirecteur tilde me op en ik heb keihard tegen zijn schenen getrapt'

"Ik kan het me herinneren als de dag van vandaag: ik heb erover gejankt en geschreeuwd – misschien wel een week lang. Ik werd zomaar weggehaald uit mijn veilige omgeving, vanwege de onbekwaamheid van de school. Zo zie ik het in ieder geval wel. Mijn ouders konden er ook niet veel tegenin brengen, want die zijn analfabeet en spraken geen Nederlands. Ik denk dat mijn leraren dat gegeven ook maar lastig vonden, ze dachten dat het beter was voor mijn ouders én voor mij om naar een speciale school te gaan. Mijn school wilde er volgens mij gewoon niet mee dealen, ze wilden die ruimte in ieder geval niet pakken."

Wat herinner je je nog van de school waar je heen werd gestuurd?

"Ik hoopte dat het maar voor een paar jaar zou zijn, maar uiteindelijk heb ik er tot en met groep 8 gezeten. In de klas zaten driftkikkers die alles kort en klein sloegen, zij gingen echt van zero naar one hundred als ze hun zin niet kregen. Maar er waren ook leerlingen zoals ikzelf, waarvan ik me afvroeg: wat doe jij hier?

De docenten op school vergeleek ik weleens met afgekeurde politieagenten, ze moesten duidelijk hun frustratie ergens kwijt of hadden een bepaalde geldingsdrang. Als een leerling iets fout deed, werden zijn of haar handen meteen op de rug geduwd. En als het te moeilijk was om je stil te houden, hielden drie of vier docenten je met man en macht – en al hun gewicht – op de grond."

"Zelf was ik ook wel lastig, denk ik. Ik weet nog dat een docent mijn armen vastpakte om me rustig te maken, maar omdat zij me zo stevig vasthield, raakte ik alleen maar meer opgefokt. 'Raak me niet aan!', schreeuwde ik, want ik vond het totaal onterecht en zag alleen maar zwart voor m'n ogen. De schooldirecteur werd er vervolgens bij geroepen, een soort superman-figuur, en die tilde me op. Ik heb keihard tegen zijn schenen getrapt en schreeuwde: 'Ik heb niets gedaan, laat me los!'. Hij moest me wel loslaten en daarna werd ik weer rustig."

Heb je spijt van je gedrag? Of van één specifiek moment?

"Ik heb wel een schuldgevoel naar die directeur. Ook al was het een momentopname, ik had hem niet zo hard moeten schoppen. Gelukkig heb ik achteraf mijn excuses aangeboden. Het meeste schuldgevoel heb ik naar één van mijn zussen toe. Wij verschillen niet zoveel qua leeftijd en liepen tot en met groep 2 altijd samen naar school. Ik heb het haar echt vreselijk moeilijk gemaakt iedere dag. Dan ging ik onderweg naar school bij het water staan en riep ik: 'Ik wil écht niet. Als je verder loopt, spring ik in het water'. Zij smeekte me om gewoon mee te gaan, want ze wilde op tijd komen. Maar ik bleef vastberaden staan en dreigen: 'Pas maar op, ik spring echt. Ik zweer het'. Door mij kwamen we altijd te laat en ik heb haar echt een hoop tranen en frustratie gekost, daar voel ik me nog steeds schuldig over. 'Ben je nou alweer te laat?', werd er door haar juf of meester gevraagd en als ze vervolgens uitlegde dat het door mij kwam, geloofden ze dat niet."

'Het benadrukt weer dat je 'anders' bent'

"Ik heb mijn zusje wel mijn excuses aangeboden op een gegeven moment en nu lachen we erom. 'Je weet dat ik van je hou', zeg ik dan en dat weet ze. We hebben nog steeds een hele goede band, maar ze zegt wel eerlijk dat ik haar helemaal gek heb gemaakt vroeger."

Wat voor sporen heeft die tijd achtergelaten?

"Iedere ochtend werd ik opgehaald door een soort taxi, en 's middags ook weer thuisgebracht. Dat is leuk als het uit luxe is, maar als klein kind vond ik het niks. Het benadrukt weer dat je 'anders' bent. Mijn ouders hebben zeven kinderen en ik was de enige die naar een speciale school moest. Je wil niet bijzonder zijn op die manier, dus de negatieve lading is groot. Niet zelf naar school kunnen lopen of fietsen, zoals mijn broers en zussen en andere leeftijdgenoten wél konden, is ook een soort vrijheidsbeperking. Je hebt geen keuze over met wie gaat spelen 's middags en kan niet spontaan een potje voetballen met je vrienden na de les."

"Na de basisschool mocht ik gelukkig overstappen naar regulier onderwijs, maar ik kreeg wel een vmbo-basis advies. En hoewel daar niets mis mee is, kwam dat niet overeen met mijn capaciteiten. Volgens mij hebben wij niet eens een Cito-toets gemaakt, ik kan me er in ieder geval niets van herinneren, terwijl die toets en de spanning eromheen vaak wel indruk maakt op die leeftijd. Maar volgens mij was het advies bij ons alleen gebaseerd op gedrag en een opdracht met rekensommetjes. Toen stond ik er niet zo bij stil, maar nu zie ik dat advies als een bevestiging van kansenongelijkheid. In Nederland denken we bij 'moeilijke gevallen' of thuissituaties die afwijken van de norm al snel: laten we het maar safe spelen en niet te hoog inzetten. Maar zo'n advies neem je als kind onbewust met je mee, het wordt een soort self-fulfilling prophecy en bepaalt daarmee hoe je de rest van je schooltijd gaat invullen.

Mijn ontwikkeling stagneerde, want als mensen tegen je zeggen dat je dom bent, is het een kwestie van tijd voordat je het gelooft. En als dat eenmaal tussen je oren zit, ga je er ook met de pet naar gooien. Op de middelbare school bleef ik een druktemaker, ik kletste veel en maakte ook grappen. Maar het bleef wel binnen bepaalde kaders; ik was niet meer de Ismail van de basisschool."

Voor iemand die allesbehalve lekker ging op school, kijk ik er wel van op dat je tegenwoordig zelf docent bent. Wanneer is die omslag gekomen?

"Ik haatte docenten en had een hekel aan school, dus het was inderdaad nooit mijn plan om zelf voor de klas te gaan staan. Maar ik kreeg wel een steeds sterkere geldingsdrang naar mijn ouders toe. Ik wilde hen absoluut trots maken en ben daarom eerst een administratieopleiding gaan doen, en daarna heb ik de mbo-opleiding 'sociaal cultureel werk' gedaan. Dat ging me makkelijk af en ik vond het steeds leuker worden, en er werd zelfs af en toe geopperd: 'Ismail, moet jij niet leraar worden?'. Never nooit niet, dacht ik toen, want ik wilde op dat moment comedian worden. Dus vol goede moed ging ik naar de proefdag van de hbo-theateropleiding. Maar ik wist meteen: dit nooit meer. Het kwam totaal niet overeen met wat ik voor ogen had."

'Ze hebben gewoon iemand nodig die vertrouwen geeft'

"Al vrij snel daarna besloot ik om toch voor een lerarenopleiding te gaan. Ik koos Engels omdat ik daar het beste in was en groeide er steeds meer in. Tijdens een van mijn stages kwam ik een gouden docent tegen: mevrouw Bento. Vanaf dat moment wist ik zeker: dit wordt-em. Dít is hoe een docent hoort te zijn. En in de klas zag ik mezelf in het klein terug, dus ik voelde heel goed aan dat ze allemaal hun eigen karakter en uitdagingen hebben, en ze hebben gewoon iemand nodig die vertrouwen geeft en ze durft te begeleiden."

Wat maakte mevrouw Bento zo bijzonder?

"Ze werkte en sprak vanuit haar hart. Soms was dat hard en direct, maar het was allemaal oprecht en dat voel je. Wat ik ook tof vond, was dat ze geen 9-tot-5 docent was, maar echt een leraar voor het leven. Ze stond voor je klaar en hield je altijd een spiegel voor. Bijvoorbeeld als ik voor de klas te veel grapjes maakte, dan zei ze meteen: 'Je bent in potentie een goede docent, maar je moet echt minder lollig doen. Anders ben je een clown en geen leerkracht'. Bij de eerste plukjes kritiek dacht ik: ga toch weg. Maar al vrij snel realiseerde ik me dat ze gelijk had. Zij heeft me ook laten zien dat het delen van dingen waar je mee zit, niet een zwakte is, maar een kracht. Voor de klas moet je ook kwetsbaar durven zijn. En als je leert om docent te worden, moet je ook fouten durven maken en daarvan leren. Al die dingen heb ik geleerd van mevrouw Bento."

Zijn er leerlingen die veel indruk op jou hebben gemaakt?

"Een heleboel, maar om een voorbeeld te noemen: Naoufal. Ik zie heel veel talent en potentie in hem, maar in de klas moest hij van een andere leerkracht een koptelefoon dragen, want hij was te druk. Toen ik hem in de klas kreeg, heb ik hem meteen die koptelefoon af laten doen. Hij moet het vertrouwen krijgen dat hij er wél mag zijn, dat hij het wél kan. Daarvoor moet je aanwezig zijn en juist niet in je eigen wereld blijven. Het talent zat er al, maar dat moet wel de ruimte krijgen."

Sowieso moeten we het onderwijssysteem veranderen, we gaan te veel uit van cijfers en resultaten en richten ons te weinig op talent. Maar wat zeggen cijfers over de ontwikkeling van een kind? Als je alleen daarnaar kijkt, laat je een heleboel buiten beschouwing. Bovendien zie ik in de praktijk ook dat waar je wieg staat echt invloed heeft op het schoolniveau dat wordt geadviseerd. Als iemand niet direct hoog scoort, wordt al snel gekeken naar de thuissituatie en vanuit daar worden dan weer aannames gedaan. Zoals ook in mijn geval. Maar als twee ouders analfabeet zijn of de Nederlandse taal niet vloeiend spreken, betekent dat nog niet dat je hun kinderen moet opgeven. Ik zie dat ook niet als in bescherming nemen, eigenlijk hou je kinderen op die manier onnodig klein."

'Er zijn leerlingen die zonder relatie geen prestatie vertonen'

"Wat ik ook gek vind, is dat we tot en met groep 8 iedereen op een grote hoop gooien en ze daarna heel abrupt allemaal in hokjes plaatsen. Maar kinderen met verschillende talenten en capaciteiten kunnen elkaar juist zoveel geven als ze wel met elkaar blijven spelen en lachen. Daar zouden we meer gebruik van moeten maken."

Kan je jouw allereerste les als docent nog herinneren?

"De eerste klas die ik had, vond het wel tof om zo'n jonge docent te hebben. Ik maakte grapjes, maar was ook heel duidelijk over de lesstof en mijn verwachtingen. Een meisje hoorde ik fluisteren: 'Ik ga zijn leven zuur maken'. Dus ik zei aan het einde: 'Als iemand mij het leven zuur wil maken, probeer het vooral. Maar ik garandeer je: het enige leven dat zuur wordt, is dat van jou. Dat beloof ik'. Natuurlijk mogen leerlingen mij uitdagen, maar er is echt een grens. Op dat gebied maak ik geen grappen, dus als iemand loopt te klooien, laat ik diegene gewoon een paar uur nablijven."

In 2018 was je de beste leraar van Rotterdam en dit jaar sta je in de top 10 van Nederland. Dat hadden jouw basisschoolleraren waarschijnlijk niet verwacht… Wat is je geheim?

"Ik sta sterk in mijn schoenen en kan er wel tegen om uitgedaagd te worden, dat helpt. Verder probeer ik net zo'n docent te zijn als mevrouw Bento, door er voor ze te zijn en dat niet alleen te zeggen, maar ook in de praktijk steeds te laten zien. Dat betekent ook duidelijke grenzen stellen en geen valse beloftes maken. Als ik iemand vertel dat hij of zij moet nablijven, dan blijven ze ook na. Ik vind het mooi om met leerlingen in gesprek te gaan, dus als iemand een grote mond heeft, mag diegene aan het einde van de les blijven zitten en vrijuit reageren, alles zeggen wat-ie wil.

Didactisch gezien zijn heel veel docenten sterk, maar op pedagogisch gebied zijn ze vaker onbekwaam. Moeilijke leerlingen zijn vaak niet de makkelijkste om te benaderen of te bereiken. De kloof tussen leraar en leerling is dan te groot, maar als je echt je best doet, kan je die afstand wel kleiner maken. Er zijn leerlingen die zonder relatie geen prestatie vertonen. Dat weet ik, omdat ik zelf ook zo was."

Lizzy van Hees

LEES MEER OVER