Close

Het zalig falen, met Stéphanie Hoogenberk

02 februari 2021 11:02 / Persoonlijke groei
Stéphanie Hoogenberk
Stéphanie Hoogenberk
Z Zonder wrijving geen glans. Daarom spreken we iedere week iemand over zijn of haar royal fuck-ups en uitzinnige uitglijers, de dingen die niét goed zijn gegaan. Leveren die missers ook wat op? Redacteur Floor Bakhuys Roozeboom vraagt het deze week aan Stéphanie Hoogenberk.

Schrijver en columnist Stéphanie Hoogenberk (34) heeft een groot talent voor ongemak en een nog groter talent om erover te schrijven. Van uitstapjes naar de wenkbrauwsalon tot een telefoongesprek met haar moeder en van een ongemakkelijke date tot confrontaties met haar irritante overburen, in haar column in LINDA beschrijft ze alledaagse situaties met een scherp oog voor menselijk ongemak. Voor opdrachtgevers als Quote en Hard gras maakt ze reportages waarin ze haar onderwerpen met treffende beschrijvingen en onderkoelde humor tot leven wekt.

Voor Stéphanie is falen onlosmakelijk verbonden met schaamte: "Er zijn mensen die de hele dag door steken laten vallen en zich nooit schamen en er zijn mensen op wie ogenschijnlijk weinig aan te merken is en die toch continu het gevoel hebben dat ze knullig bezig zijn. Ik heb duidelijk een zwak voor de laatste categorie."

Toen ik je benaderde voor dit interview zei je: 'Kom maar door, want ik blunder me door het leven heen'. Is dat zo?

"Ik weet niet of ik meer blunder dan andere mensen of dat ik zelf alleen dat gevoel heb. Maar omdat ik me heel snel schaam, heb ik vaak het idee dat ik faal of dat iets mislukt is. Ik ben er inmiddels achter dat ik daar bovengemiddeld last van heb. Ik leg het namelijk weleens aan anderen voor, als ik me weer eens kapot schaam over iets dat ik heb gezegd of gedaan. En anderen verzekeren me dan dat het allemaal wel meevalt. Wat dan vervolgens niets aan de schaamte afdoet."

Voor wat voor dingen schaam jij je dan?

"Ik zit nu op schaatsles en daar schaam ik me voortdurend. Dit is mijn tweede seizoen en vorige week ben ik voor het eerst gevallen. Heel hard. Ik vind pijn ontzettend gênant, dus probeerde ik te doen alsof ik helemaal geen pijn had. Mijn groepje kwam naar me toe. Gaat het wel? Moet je niet stoppen? Ik hield me groot. Nee joh. Het gaat best. Maar het ging helemaal niet. Ik hield het nog geen kwartier vol. Toen begon ik misselijk te worden van de pijn en moest ik alsnog stoppen. Wat alleen maar gênanter was natuurlijk. Toen ik de les daarna weer probeerde te schaatsen ging het voor geen meter. Ik kwam nauwelijks vooruit. Mijn benen trilden. Ik moest samen met de leraar als een soort Bokito gebukt over het ijs. Dat vind ik dan zó erg. Oh man. Ik ga nog stuk als ik eraan denk."

Voor jouw gevoel faal jij op dat moment heel erg. Maar anderen vinden het waarschijnlijk helemaal niet zo gênant als jij.

"Nee. Die schaamte zit echt in mij. Ik probeer dat tegenwoordig maar te accepteren. Ik vind situaties gewoon snel ongemakkelijk. Zowel plaatsvervangend als voor mezelf. Al met al heb ik een sterk ontwikkelde radar voor ongemak."

Is dat voor jou als schrijver ook een zegen?

"Dat denk ik wel. Als mens is het vooral een vloek, maar als schrijver levert het goed materiaal op. Als ik weer eens iets pijnlijks heb meegemaakt dan denk ik: ik kan er altijd nog een stukje van maken. Als ik er eenmaal over geschreven heb, is het ongemak minder. Die val bij schaatsen heb ik nu verwerkt in een column, dus dat is nu klaar. Daar kan ik weer aan denken zonder dat het zweet me uitbreekt. Die les daarna, met die trillende benen en dat ik nauwelijks vooruitkwam, daar ben ik nog niet aan toe. Dat is nog te vers."

In jouw geval heeft een verhaal over ongemak en falen ook tot onverwacht succes geleid. 

"Klopt. Dat was wel echt een succes dat voortkwam uit een totale mislukking. Ik werd in 2019 vanuit het niets benaderd door een man uit de televisiewereld die stukken van mij had gelezen en die in mij de nieuwe Louis Theroux zag. Ik had geen idee of ik dat eigenlijk wel wilde. Maar ik vond ook dat ik open moest staan voor nieuwe ervaringen. Uiteindelijk werd het nogal raar. Hij wilde steeds afspreken om het erover te hebben, waarbij hij me bij iedere ontmoeting drie zoenen gaf. We hebben elkaar uiteindelijk vier keer gezien. Steeds in vrij informele setting. Ik had op zijn verzoek zelfs Hugo Borst gevraagd om een filmpje te maken, die daar helemaal geen zin in had, maar het als vriendendienst wel wilde doen."

'Ergens tussen de wijn en kaasstengels vertelde hij dat het toch niks ging worden'

"Bij de laatste afspraak stelde de man voor om op vrijdagavond een hapje te gaan eten, wat best raar is bij een zakelijk contact. En na me weer drie zoenen te hebben gegeven vertelde hij, ergens tussen een glas rode wijn en een portie kaasstengels, dat het toch niks ging worden, maar dat ik altijd nog een eigen YouTube-kanaal kon beginnen."

Wat voor gevoel hield je eraan over?

"Eerst was er een raar gevoel van gêne. Alsof ik ergens in was getrapt. Maar ook alsof ik was afgewezen. Terwijl het om een baan ging die ik op dat moment niet eens per se ambieerde. Later kwam vooral de boosheid, over hoe lomp de situatie was. Over hoe onprofessioneel hij zich had opgesteld. En hoe absurd dat eigenlijk was. Dat absurde heb ik vervolgens geprobeerd om in een stukje te stoppen. Als dat dan lukt en ik die boosheid in woorden weet te vangen waar anderen om kunnen lachen, geeft dat een goed gevoel."

Zo goed gelukt dat je zelfs een eigen column kreeg aangeboden.

''Klopt, bij LINDA. In die zin is het bevredigend dat die situatie toch tot iets positiefs heeft geleid. Want in essentie heeft het me veel energie gekost."

Heeft de man in kwestie nog weleens contact met je opgenomen?

"Ja, hij vond het heel erg om te lezen dat ik het zo had ervaren. Hij heeft er waarschijnlijk ook wel lessen uit getrokken en zal zoiets niet snel meer op die manier doen. Mijn vader had na het lezen van het stukje ook wel een beetje medelijden met de man. Vooral de passage waarin ik beschrijf hoe hij een hap van een kaastengel neemt en de kapotte kant in de saus doopt, vond hij dodelijk. En dat was het misschien ook wel. Het was een pijnlijk detail. Maar ik vond dat de situatie rechtvaardigde om dat op te schrijven."

Je schrijft ook regelmatig over mensen die je goed kent, met datzelfde scherpe oog voor menselijk ongemak. Vinden mensen het weleens lastig om dat terug te lezen?

"Mensen in mijn directe omgeving gelukkig niet. Ik ben gezegend met ouders die het prima vinden als ik over ze schrijf. Ik voer mijn eigen moeder regelmatig op in columns en artikelen en probeer haar dan ook zo eerlijk mogelijk te beschrijven. Daar heeft ze geen moeite mee. Ook niet als ze er een beetje lullig vanaf komt. Ze begrijpt dat ze in dat verband ook vooral een personage is. Mijn vader staat er gelukkig hetzelfde in. Mijn ouders snappen dat juist de ongemakkelijke, schurende momenten de grappigste zijn om over te schrijven."

'Mijn moeder en ik konden niks anders dan lachen, we waren vuurrood'

"Zo schreef ik een stukje over de keer dat ik mijn ouders ter ere van mijn moeders verjaardag had meegenomen naar restaurant 'Moeders' in Amsterdam. Daar voltrok zich vervolgens een totaal idioot tafereel met de bediening die al zingend en dansend in een soort polonaise naar onze tafel kwam, met een sterretje in de stamppot gestoken. Ik had het etentje geregeld, maar ik had geen idee dat je dit erbij kreeg. Mijn vader dook in zijn kraag en mijn moeder en ik konden niks anders dan lachen, we waren vuurrood. Maar als mijn vader dan zo'n stukje terugleest, zegt hij niet: haal mij er maar uit. Hij zegt juist: zet die ene scène dat ik zo klungelig doe nog maar wat dikker aan."

Poetsen we onze ongemakkelijkheid en klungeligheid te vaak weg?

"Ja. Keeping up appearances, daar heb ik echt helemaal niks mee. Dat wereldje van Instagram bijvoorbeeld, waarbinnen mensen dan zogenaamd hun kwetsbare kant laten zien, maar dan helemaal gepolijst en geregisseerd, daar kan ik zó niet tegen. Want het moet doorgaan voor kwetsbaarheid, maar het is nepkwetsbaarheid. En daar wordt ook nog voor geapplaudisseerd. Zo'n tenenkrommende post krijgt dan dertigduizend likes. Daar begrijp ik niks van. Mensen die humblebraggen, dat vind ik ook zo vreselijk. (Lacht) Kijk, die mensen zouden zich nou wel wat meer mogen schamen, maar dat doen ze dan weer niet."

Zou meer schaamte voor sommige mensen goed zijn, denk je?

"Ja, dat denk ik echt. Sommige mensen gun ik wel wat meer schaamte. Het zegt toch ook iets over je vermogen tot zelfreflectie. Er zijn mensen die de hele dag door de stomste dingen doen en die zich toch nooit schamen en ook nooit het gevoel hebben dat ze falen. Mensen bij wie van alles fout gaat, maar die de schuld nooit bij zichzelf zoeken. Ik schaam me misschien te veel, maar sommige mensen schamen zich helemaal niet. En dat is misschien nog wel erger."

Voel jij je ook meer verbonden met mensen met een sterk schaamtegevoel?

"Oh zeker. Ik heb een vriendin, ook schrijver, Janneke van der Horst, mijn bondgenoot in schaamte, met wie ik er heel goed over kan praten. Zij is de enige aan wie ik echt alles durf te vertellen. Dan gaan we samen helemaal na wat ik nu precies gedaan en gezegd heb en waarom ik dat waarschijnlijk zo gedaan heb. En dan lacht zij erom. Dat heeft iets heel troostends."

Een soort close reading van je eigen blunders?

"Zoiets. Normaal gesproken heb je rond deze tijd allemaal van die nieuwjaarsborrels bij uitgeverijen en zo. Als wij dan naar zo'n borrel zijn geweest dan voicemessagen we elkaar de hele dag met wat we nu weer tegen die en die hebben gezegd. Janneke schaamde zich eens omdat ze Herman Koch op een nieuwjaarsborrel de hele tijd voor de grap 'bestsellerauteur' noemde. De volgende dag vond ze het heel gênant omdat het na de zoveelste keer meer op afgunst was gaan lijken. Janneke is heel goed in het analyseren van mijn ongemak en waar dat dan precies in zit. Zij kan vaak duiden waarom ik iets heb gezegd of gedaan op een bepaald moment. En dan oordeel ik weer een beetje zachter over mezelf."

Zouden we opener mogen zijn over schaamte?

"Ik vind van wel. Je schaamte delen heeft iets kwetsbaars. Als iemand dan zegt te begrijpen dat je je schaamt, het een soort van terecht vindt, sta je ook echt naakt. Maar als je dan bij die ander herkenning vindt, voel je je ook echt verbonden. Schaamte is zo menselijk en het is een onuitputtelijke bron van verhalen. Janneke en ik werken samen aan een podcast over schaamte. Daarin willen we iedere aflevering praten over iets waar we ons voor schamen en gaan we mensen bellen met vragen over schaamte. We analyseren de bron van de schaamte, lachen er misschien om. En dan schamen we ons nog steeds. Maar wel samen en dat scheelt."

Wat is het laatste waar je je diep voor geschaamd hebt?

"Dat is zo erg, daar kan ik nog niet over praten. Dat hoor je wel een keer in de podcast."

Floor Bakhuys Roozeboom

LEES MEER OVER