Close

The return of The Dutchess

11 februari 2021 04:02 / Zelfontwikkeling
Vlnr: Désirée Kranenburg, Bela Evers, Remke van Kleij en Astrid Jans
Vlnr: Désirée Kranenburg, Bela Evers, Remke van Kleij en Astrid Jans
P Precies 54 dagen, 20 uur en 12 minuten lang roeien; steeds twee uur op en twee uur af. De vrouwen van team Dutchess of the Sea zijn de Atlantische Oceaan overgeroeid en zijn een zee aan ervaringen rijker.

Over de vraag hoe het nu gaat, moet Bela Evers (53) eventjes nadenken. “Het gaat… gek. Ik voel me onwerkelijk, moet alles nog laten bezinken.” En dat is niet zo gek, want ze is pas een paar dagen weer terug aan land, nadat ze bijna acht weken lang non-stop in een roeiboot op de oceaan doorbracht, samen met haar drie roeimaten. Een heel andere wereld: “Daar was alles eenvoudig, hier heb je allerlei prikkels en interactie met anderen. En ook fysiek is het vreemd, er bestaat kennelijk een variatie op de jetlag: de landlag. Maar het is allemaal heel leuk hoor, en er veel over vertellen helpt.”

En wij luisteren maar wat graag. De vier vriendinnen deden mee aan de Tasliker Whiskey Atlantic Challenge, een tocht van zo’n 3000 zeemijlen. Afgelopen vrijdag kwamen ze aan bij de finish: het Caribische eiland Antigua. En voorafgaand aan hun vertrek op 12 december, spraken we Bela al eerder, die toen nog in gespannen afwachting was van wat ze allemaal zouden gaan meemaken. Iets met slaapgebrek. Iets met zes meter hoge golven. Iets met grenzen opzoeken. En dus zijn we razendbenieuwd hoe het is uitgepakt.

In de eerste plaats: hoe trots zijn jullie?

“Heel erg trots! Dit is een droom waar we twee jaar lang heel hard voor gewerkt hebben en nu hebben we die laten uitkomen. En dat terwijl we onderweg heel veel tegenslag hebben gehad.”

Bela Evers
Bela Evers

Vertel, wat ging er mis?

“De stuurautomaat werkte niet goed! Dat was heel frustrerend, want daardoor moest steeds iemand die taak op zich nemen en zit je met een roeier minder. Ook ging onze watermaker, waarmee je van zout water zoet water maakt halverwege kapot. Via de satteliettelefoon hebben we contact gehad met de leverancier, die ons kon vertellen hoe we het systeem konden hacken, zodat we toch te drinken zouden hebben. Maar het kost heel veel energie, dat soort dingen, eigenlijk meer dan het roeien zelf. Je ligt tijdelijk stil, bent even geen onderdeel van de race. Mijn grootste zorg was dat we uit zouden vallen, maar dat is gelukkig niet gebeurd.”

En leidde al dat gedoe tot spanningen aan boord?  

“Nee hoor! Dat ging juist heel goed. We hebben het echt als team gedaan, veel met elkaar gepraat: ‘Hoe voel je je, wat belemmert je, wat heb je nodig?’ We zongen liedjes en speelden spelletjes onderweg om elkaar bij de les te houden, en hadden ook lange, diepe gesprekken.

Soms was de één een beetje down, terwijl de ander juist heel energiek was, en dan vul je elkaar aan. We zijn allemaal anders en iedereen gaat er anders mee om. Zelf heb ik er nooit heel erg doorheen gezeten, ik denk altijd in oplossingen. Maar misschien heeft een van de anderen wel meer getwijfeld. Opgeven is in ieder geval geen moment ter sprake geweest. Je houdt elkaar ook gemotiveerd, want je hebt elkaar nodig.”

Jullie hebben duizenden mijlen afgelegd, miljoenen slagen gemaakt. Doet dat geen pijn?

“In het begin wel. Dan heb je blaren of spierpijn. Ik had zelf veel pijn aan m’n billen. Het is ook wennen qua eetritme en slaappatroon. Ik was in die eerste week vaak een beetje misselijk. En ik bleek meer eten nodig te hebben dan waar ik op had gerekend, dus ik moest af en toe bij de anderen bietsen. Maar ja, ook al heb je honger of pijn, je gaat gewoon door. Kan je klagen wat je wil.”

In ons eerdere gesprek zei je dat de uitdaging 80 procent mentaal zou zijn. Klopt dat?

“Goeie vraag… Ja, ik denk dat dat wel klopt. Het roeien doe je wel, dat gaat gewoon voortdurend door. Maar die technische problemen waren echt vervelend. En je hebt heus momenten dat je denkt: poeh, we moeten nog 2000 mijl, waar gaan we dat vandaan halen? Je moet steeds jezelf blijven overtuigen dat het goedkomt. En leert ook veel onderweg: hoe je omgaat met hoge golven bijvoorbeeld. Daar ben je in eerste instantie nog heel erg mee bezig, later roei je er gewoon soepeltjes doorheen. Behalve ’s nachts, dan staat er veel wind en zie je natuurlijk niet waar de golven vandaan komen. Word je ineens weer overspoeld!”

Dat klinkt best eng.

“De duisternis heeft twee kanten. Het spannende, onbekende - met soms nachten waarin je niks ziet, maar wel van alle kanten die golven hoort komen - maar ook een waanzinnige mooie kant. Je ziet de hele melkweg en hoe de maan over de golven schijnt. En er waren stukken met van die fluoriscerende algen. Dan haalde je je spaan door het water en zie je het helemaal oplichten. De zee is echt geen moment hetzelfde en we hebben alle aspecten ervan mogen meemaken. We voelden ons te gast, en heel welkom ook. Na een saaie roeidag, bracht de avond vaak een cadeautje: een mooie zonsondergang bijvoorbeeld. In de eerste week werden we ineens vergezeld door een school dolfijnen, een paar weken later kwamen we drie walvissen tegen van wel 12 of 13 meter lang. Dat geeft zoveel energie om door te gaan. We voelden echt synergie met de elementen.”

Zo klinkt het bijna jammer dat het voorbij is…

“Gelukkig was de aankomst ook heel bijzonder. Voor iedereen was één iemand overgevlogen om ons te ontvangen; drie echtgenoten en een zoon. Eigenlijk was het idee dat al onze vrienden en familie er zouden zijn, maar dat kon natuurlijk niet, echt heel jammer. Maar zo was het ook heel fijn. En het was – en is nog steeds een beetje – echt wennen. Ik liep als een dronken aap toen ik weer aan wal was, maar het was heel warm en fijn om mijn man weer te zien. En we hebben een mooi bedrag opgehaald voor het goede doel. We roeiden voor de ALS Stichting en de Plastic Soup Foundation en hebben nu al 65.000 euro! Doneren kan overigens nog steeds, voor wie dat wil.”

En wat houd je zelf over aan dit avontuur?

“Hoeveel geluk er schuilt in eenvoud. Dat je open moet staan voor alles wat op je pad komt. Ik denk niet dat iedereen dit zou kunnen, je moet echt wel bereid zijn om uit je comfort zone te treden, want je kunt je op zo’n uitdaging nooit helemaal voorbereiden. Maar je krijgt er ontzettend veel voor terug. Het was echt een eer om te gast te zijn op de oceaan. Die bepaalt de route, het weer, de omstandigheden. Dat wij daar zo dichtbij mochten zijn, was een absolute blessing.”

Peper Hofstede

LEES MEER OVER