Close

Meer dan een vrouwenzaak: 3 mannen vertellen waarom zij feminist zijn

08 maart 2021 07:03 / Internationale vrouwendag
Mark Bergsma
Mark Bergsma
W Wie denkt dat feminisme gelijkstaat aan hordes boze vrouwen, die een hekel hebben aan mannen en schreeuwend op de barricade staan, zit er echt naast. Iederéén zou tenslotte baat moeten hebben bij gelijkheid. Op Internationale Vrouwendag gaan we in gesprek met drie mannen die opkomen voor emancipatie.

Het lijkt soms alsof er voor alles en iedereen een speciale dag bestaat. Zo ook voor vrouwen. In 1978 werd Internationale Vrouwendag officieel erkend door de Verenigde Naties, maar op 8 maart 1908 werd er in New York al voor het eerst publiekelijk gestaakt voor vrouwenrechten. Destijds waren slechte werkomstandigheden in de textielindustrie de aanleiding, maar door de jaren heen is de strijd voor emancipatie onvermoeid doorgegaan, en ook in Nederland worden er jaarlijks women's marches georganiseerd rondom 8 maart.

Maar valt er na recht op onderwijs, stemrecht, lichamelijke autonomie en seksuele vrijheid nog winst te behalen dan? Oh, yes of course! Denk maar aan alledaags seksisme, seksueel geweld of het feit dat mannen gemiddeld 14 procent meer verdienen dan vrouwen. Al met al genoeg reden om je vandaag – en iedere andere dag – uit te spreken voor gelijke rechten. Net als historicus Mark Bergsma, idealist Jens van Tricht en filmmaker Jelle Havermans. 

Mark Bergsma (30): 'Die hakken zie ik als mijn eigen mini-activisme'

"Als historicus ben ik me bewust van hoe de achtergestelde positie van vrouwen in onze maatschappij is ontstaan, maar dat ik mezelf feminist noem, daar is wel een proces aan voorafgegaan. Ik denk dat het altijd wel in me heeft gezeten, maar het moest zich ontplooien als het ware. Als man heb je toch twijfels over je positie of rol binnen de feministische beweging. Zeker omdat je juist wil dat het over vrouwen gaat, dat zij aan het woord zijn. Er heerst dus een zeker spanningsveld: hoeveel ruimte kan je als man innemen? Dat is ontdekkingstocht waarin je moet aftasten hoe dat het beste kan."

"Op feministische evenementen voelde ik me daarom in eerste instantie wat opgelaten en vroeg ik me af: is het niet raar dat ik hier ben? Als man tussen al die vrouwen val je toch op. En ik vind het belangrijk dat ik mijn plek ken binnen dit debat. Als man kan ik niet spreken over de ervaring van vrouwen, maar door stil te zijn en te luisteren, begrijp je steeds beter waarom emancipatie belangrijk is. Daarom is het juist belangrijk dat ik daar ook ben, niet alleen omdat het bij mijn werk hoort, maar ook omdat je op die momenten hoort waar vrouwen tegenaan lopen.

Zes jaar geleden hebben Agnes Cremers en ik ons bedrijf Van Gisteren opgericht, een bureau voor publiekshistorische projecten. We maken lesmateriaal, organiseren tentoonstellingen en evenementen waarbij een andere kijk op de geschiedenis centraal staat. Zo is een van onze eigen initiatieven het educatieplatform F-Site. Daarmee bieden we geschiedenisdocenten lesmateriaal aan over historische vrouwen. Want juist over vrouwen in de geschiedenis zien en horen we nog te weinig op school. Voor F-Site is Agnes het gezicht en de woordvoerder, dat vind ik belangrijk, maar ik voel me absoluut onderdeel van de missie. Het is een hele concrete manier om een steentje bij te dragen aan de strijd. Zo organiseren we samen een jaarlijks event en maakten we een podcast De geschiedenisles die je nooit hebt gehad voor een breed publiek. Dit is ook onze eigen feministische zoektocht naar vrouwen uit de geschiedenis, die ons nog meer versterken in onze missie om deze verhalen breed te verspreiden."

'Het mondt vaak uit in de verklaring dat er niets aan te doen valt, want: boys will be boys'

Feminisme draait om gelijkheid voor iedereen en als je naar de geschiedenis kijkt, is die strijd al vaak gestreden. Maar omdat het systeem mannen boven vrouwen stelt, wordt er bij elke overwinning of revolutie uiteindelijk weer ingeboet op vrouwenrechten. Kijk naar de Franse Revolutie, die draaide om vrijheid, gelijkheid en broederschap. Maar als het dan gaat over hoe gelijkheid er écht uitziet, dat dat inclusief vrouwen is, worden mannen ineens zenuwachtig. Wij kijken veelal naar vergeten verhalen uit de geschiedenis, en tijdens onderzoek voor een tentoonstelling over honderd jaar vrouwenkiesrecht, leerde ik een groep mannen kennen die zich begin 20e eeuw heeft ingezet voor vrouwenkiesrecht. Ik vond dat een openbaring. Het kan enorm empowering zijn om je te herkennen in de geschiedenis, dan weet je dat je het wiel niet opnieuw hoeft uit te vinden. Feministische mannen zijn dan ook van alle tijden – en het beeld dat feministen anti-man zijn klopt eveneens niet. Als je een mening wil vormen over feminisme, moet je ook begrijpen waar de beweging overgaat, waar die vandaan komt, waarvoor er wordt gevochten en wat de strijd inhoudt. Als je dat weet, kun je volgens mij niet anders dan concluderen dat iedereen feminist kan zijn.

In de vierde golf van feminisme, waar we nu inzitten, speelt intersectionaliteit een grotere rol. Dat is een hele belangrijke ontwikkeling, zeker als je bedenkt dat we het over emancipatie en gelijkheid hebben. Feminisme staat niet in dienst van witte vrouwen, het staat in dienst van alle mensen – ongeacht culturele achtergrond, huidskleur, opleidingsniveau, socio-economische status, seksualiteit of gender. Als feminist durf ik veel meer vragen te stellen over mannelijkheid en vrouwelijkheid bijvoorbeeld, mede daarom draag ik nu met meer gemak hakken. Dat je die als man niet zou mogen dragen is ook een construct dat door iemand is bedacht, maar dat maakt het nog niet waar. Die hakken zie ik als mijn eigen mini-activisme."

Jens van Tricht (52): 'We kijken veel te vaak naar de ander en wat diegene fout doet'

"In 1990 heb ik mezelf voor het eerst feminist genoemd; ik was toen aangesloten bij de kraakbeweging in Amsterdam. Op een gegeven moment realiseerde ik me: als je echt een betere en eerlijkere wereld nastreeft, moet je kijken naar wie het meeste profijt heeft van onrecht. Dat is lang een kleine groep mannen geweest, maar wel een groep die vasthoudt aan de ideologie van machtige mannen. Waar het stereotype van mannelijkheid goed bij aansluit. Maar dat beeld van mannelijkheid is ooit bedacht en wordt gecultiveerd door socialisatie, rolpatronen en sociaal-maatschappelijke verwachtingen. Kijk je naar opvoeding, dan zie je vaak dat alle vaders een belangrijke bijdrage leveren. Of ze nou aanwezig zijn of afwezig. Want als je er als vader nooit bent – omdat je nou eenmaal de kost moet verdienen – ben je daarin een hele aanwezige factor in de beeldvorming van je kinderen."

Jens van Tricht
Jens van Tricht

"Met mijn organisatie Emancipator zet ik me in voor mannenemancipatie, omdat mannen moeten bijdragen aan emancipatie, en tegelijkertijd zelf ook lijden onder het patriarchaat. Journalist en feminist Joke Smit omschreef dat heel goed in Er is een land waar vrouwen willen wonen, dat is namelijk een land waar mannen ook willen wonen. Mannen die bevrijd worden van de plicht om flink en stoer te zijn. Dat is een van de redenen waarom we het binnen het feminisme niet uitsluitend over vrouwen moeten hebben. Maar los van wat het mannen kan opleveren, moeten we het ook hebben over de manieren waarop mannen bijdragen aan ongelijkheid.

In discussies over geweld of grensoverschrijdend gedrag wordt vaak geroepen: ja maar, vrouwen doen het toch ook? Of als het gaat om het gedrag van mannen: maar ze worden toch opgevoed door vrouwen? Om de verantwoordelijkheid maar weer bij vrouwen neer te leggen. Maar daardoor gaan we veel te makkelijk voorbij aan een veel groter probleem, iets dat wat mij betreft meer aandacht verdient: geweld, aanrandingen en verkrachtingen worden voor het overgrote deel door mannen gepleegd. Waarom hebben we het daar niet over? Dat lijkt voor mensen, media en politiek een te eng onderwerp. Iets wat vaak uitmondt in de verklaring dat er niets aan te doen valt, want: boys will be boys. Maar hebben we het over de achtergestelde positie van vrouwen, dan zijn we niet bang om te zeggen dat vrouwen zelf mondiger moeten worden, beter moeten onderhandelen, meer moeten werken en ga zo maar door. Zo is het natuurlijk dweilen met de kraan open."

'Ik merk dat de meeste vrouwen er goed op reageren als mannen zichzelf feminist noemen'

"We kijken veel te vaak naar de ander en wat diegene fout doet, dan dat we bij onszelf durven ontdekken wat we beter kunnen doen. Dus dan wordt er gewezen naar mannen van kleur, immigranten, jonge mannen, bouwvakker, etc. De ander doet het verkeerd, maar wij nooit. Terwijl wij – witte mensen, mannen, hetero's – wereldwijd toch de dominante groepen zijn. Emancipator is voortgekomen vanuit de wereldwijde MenEngage-beweging en als je op internationaal niveau gesprekken voert over deze thema's, ontdek je al snel dat over de hele wereld dezelfde vraagstukken spelen. Of je nou in Nederland bent of in het Midden-Oosten, wijzen naar de ander is daarom veel te makkelijk, we moeten met onszelf aan de slag. Als je met jezelf en je directe omgeving in gesprek durft te gaan over mannelijkheid en wat dat betekent, kom je er vanzelf achter dat je als man privileges hebt waar je je misschien niet altijd bewust van bent geweest. Dat geldt overigens niet alleen voor mannen, maar voor iedereen. 'Wij vrouwen eisen' was een mooie leuze, maar dekte vooral de lading voor witte vrouwen uit de middenklasse, terwijl arbeidersvrouwen zich niet herkenden in de problemen óf eisen van deze groep. In de strijd voor emancipatie moet je verder durven kijken dan je eigen problemen – en onderdeel durven worden van de oplossing."

Jelle Havermans (26): 'Er wordt te vaak lacherig gedaan over naaktfoto's of slut shaming'

"Omdat ik twee moeders en een zusje heb, heb ik thuis veel te maken gehad met vrouwen. Thema's zoals menstruatie en gelijkheid op de werkvloer werden bij ons aan de keukentafel besproken. Ik weet daarom misschien meer over vrouw-zijn dan de gemiddelde jongen of man. Over de loonkloof bijvoorbeeld of veiligheid op straat. Dat begrip is alleen nog maar groter geworden sinds ik studeer. Ik woon in Amsterdam Zuid-Oost en niet in het meest veilige deel. Toch fiets ik altijd met een gerust hart naar huis 's avonds laat, not a care in the world. Maar als ik vriendinnen over de vloer krijg, nemen ze meestal de metro. Dat gevoel ken je eigenlijk niet als man. Ik word niet constant geobjectificeerd en zal me nooit volledig kunnen inleven daarin, maar ik kan wel luisteren en mijn best doen om het te begrijpen. Daarom is het belangrijk om vooral vrouwen aan het woord te laten binnen het feminisme."

"Ik was een tijdje heel stellig over het feit dat mannen de term feminist ook moeten gebruiken, maar ik ben daar een beetje op teruggekomen. Als man kun je jezelf ook als bondgenoot omschrijven. Barack Obama noemt zichzelf bijvoorbeeld wel feminist, maar houdt wel gepaste afstand van het debat. Hij is geen vrouw en weet daarom dat zijn stem en ervaring niet centraal moeten staan. Ik ben ook nog eens een witte man en juist daarom vind ik het tricky om ruimte in te nemen in dit debat. Al merk ik wel dat de meeste vrouwen er goed op reageren als mannen zichzelf feminist noemen.

Zelf ben ik wel fan van de term emancipatie, want daarmee sta ik alsnog achter alle dingen die het feminisme probeert te bewerkstelligen. Al zie je ook in de vrouwenbeweging best veel versplinteringen of hokjes. Zo is mijn moeder een echte 'Sex and the city-feminist', zo van: wat mannen kunnen, kunnen wij ook – en beter! Zij kan ook heftig zijn in discussies over dat vrouwen meer moeten werken, omdat ze andere vrouwen anders in de weg zitten. De meeste feministen van mijn leeftijd denken daar weer heel anders over, die willen niet over lijken gaan. Ik zie wel wat in die vernieuwde visie omdat die ruimte creëert voor een nieuw soort leiden, leiden met meer empathie. Dat betekent niet dat alleen vrouwen op die manier leiding kunnen geven, maar wel dat vrouwen zich niet allerlei ouderwets mannelijke eigenschappen moeten aanleren om de hogerop de carrièreladder te komen.

Daarnaast hebben mannen evenveel baat bij emancipatie, zonder dat het om mannen draait, is dat wel een positief neveneffect. Ik denk dat veel mannen niet bewust machogedrag vertonen of kleinerend zijn tegenover vrouwen, ze leren het van films, ouders, vrienden en in de kleedkamer. Zodra je afstand neemt en inziet welk gedrag je hebt aangeleerd, kun je die handelingen makkelijker stoppen of anderen aanspreken. Dat hoeft helemaal niet als woke politieagent, die naar hartenlust anderen wijst op hun fouten, maar misschien wel door kritische vragen te stellen. Nu wordt er in vriendengroepen te vaak lacherig gedaan over naaktfoto's of slut shaming."

Jens van Tricht studeerde politicologie en vrouwenstudies aan de Universiteit van Amsterdam en specialiseerde zich in de veranderende rol van mannen en mannelijkheid in de samenleving. Van Tricht werkt als o.a. als zelfstandig adviseur op het gebied van mannenemancipatie en is directeur van Emancipator, de Nederlandse organisatie voor emancipatie en mannen. In zijn werk staat het uitgangspunt dat iedereen te winnen heeft bij een verruiming en verandering van de heersende beelden van mannelijkheid voorop. In 2018 verscheen bij Uitgeverij AtlasContact zijn boek Waarom feminisme goed is voor mannen.

Lizzy van Hees