Close

Nep en onnatuurlijk: de natuurfilm

07 mei 2021 02:05 / Film
I Iedereen houdt op zijn tijd wel van een goede natuurfilm. Prachtige beelden van apen die door de bomen slingeren met de fijne stem van David Attenborough die je uitlegt waarom dit zo bijzonder is. Maar deze documentaires misleiden de kijker, schrijft The Atlantic, en dit is waarom.

Middenin de oceaan jaagt een kudde zeeleeuwen op een school sardientjes. De vissen zijn de jagers te snel af, maar wanneer een school tonijnen de aanval inzet van onderen, worden de kleine zwemmers in het nauw gedreven. Van boven duiken pijlstormvogels het water in om een snackje mee te kunnen pakken, en ook koperhaaien en dolfijnen sluiten zich aan bij het buffet. Wanneer er bijna geen sardientje meer over is, opent zich een gigantische mond die de laatste visjes opslokt: een brydewalvis maakt een einde aan het festijn. Onderwijl begeleidt een orkest het schouwspel met dramatisch aanzwellende violen en vertelt de rustgevende stem van natuurfilm-icoon David Attenborough wat je nu eigenlijk ziet. Pure chaos, en dat zomaar in je woonkamer.

Op een of andere manier bieden natuurdocumentaires de perfecte balans om je vrije tijd voor je gevoel nuttig te besteden. Escapisme on a silver platter, maar toch is het ook educatief. Wat je er precies aan hebt dat je weet dat octopussen drie harten hebben, weet niemand, maar toch voelt het goed als je tijdens het niksen iets opsteekt. Ook is er weinig menselijk gezeik om je aan te ergeren, en tegelijkertijd kun je toch een traantje wegpinken als een kudde olifanten rouwt om hun pas gestorven kalf.  

Nog nooit zijn natuurfilms zo populair geweest als nu, vertelt eco-journalist Emma Marris in The Atlantic. Volgens cijfers van de BBC hebben meer dan een miljard mensen Planet Earth II en Blue Planet II gezien in de afgelopen drie jaar. De BBC Natural History Unit is dan ook de absolute leider van de natuurdocumentaire, maar andere bedrijven liften inmiddels ook mee met de populariteit van de HD-dierenbeelden. In 2019 bracht Netflix de serie Our Planet uit, ingesproken door de tot dan toe exclusief voor de BBC werkende natuurdeskundige David Attenborough. De ene film is nog spectaculairder dan de ander, maar hoe overtref je elkaar als je de realiteit moet verfilmen?

Een betere realiteit

Marris vindt dat het tijd is om de natuurdocumentaires eens onder de loep te nemen. Het is niet voor niets dat we de films zo leuk vinden om te kijken. Ga maar eens in de echte natuur in op zoek naar een vogel die een bijzondere paringsdans doet. Als je dan al zo’n verleider gevonden hebt, zit je uren te wachten tot hij een keer in actie komt. Eenmaal aan het dansen, is het toch een stuk leuker met het malle muziekje dat onder de scene in de film gemonteerd wordt. De wereld die een natuurdocumentaire aan je voorschotelt is hartstikke nep. “Both beautiful and inaccessible”, schrijft Marris scherp.

Een natuurfilm is en blijft, je raadt het al, een film. Films moeten gekeken worden en dus kun je niet zomaar alle shots achter elkaar plakken en hopen dat mensen het willen zien. Er moeten verhaallijnen in aangebracht worden, emotionele ups en downs ondersteund door orkestrale muziek die je laat weten hoe je je moet voelen bij de soms wat droge beelden van een dier dat door zijn habitat loopt. Er moet bewust gelet worden op cameratechnieken, wat je wel in het shot laat en wat niet, montagetrucs - alles waar de makers van een Hollywoodfilm ook aan moeten denken. Nu niet met acteurs, maar met levende, onvoorspelbare wezentjes.

Voor meer informatie over hoe ze nou precies van zo’n natuurdocumentaire een Hollywood waardige film maken, kun je deze videoserie kijken.

Door alles perfect bij elkaar te plakken, creëer je wat Marris een soort hyperrealiteit noemt: er wordt een parallel universum afgebeeld, waarin alles net een stukje mooier is dan de werkelijkheidheid. Neem de geluiden die de dieren maken in de films. De camera staat normaal met een hyper-super-duper-lens op een flinke afstand van de actie, maar toch hoor je de wolven grommen, de olifanten tetteren, en de vogeltjes fluiten. De beste microfoon in de wereld zou dit geluid nog niet kunnen opnemen, en dus worden deze geluiden vaak achteraf bijgevoegd en soms zelfs gemaakt door geluidsartiesten.

Dit kan doorgetrokken worden tot het extreme. Neem de scene van de sardientjes in het begin van dit artikel. De tonijnen schieten als een malle door het water, en je hoort toepasselijke zoef geluidjes op de achtergrond. Prachtig voor de spanning, maar heb je ooit een vis door het water horen zoefen? Tuurlijk niet. Natuurfilms maken de wereld “more beautiful than life”, zegt Marris.

Een mensloze aarde

‘Nou en,’ zal je misschien wel denken, ‘als ik een mooiere wereld wil bekijken, dan doe ik dat toch gewoon?’ Maar, legt Marris uit, al dat beeldbedrog kan toch serieuze gevolgen hebben. Als we te veel en te vaak naar deze geïdealiseerde wereld kijken, verwachten we ook meer van de echte. En helaas kan onze planeet dat niet altijd waarmaken.

'Heb je ooit een vis door het water horen zoefen? Tuurlijk niet'

Natuurdocumentaires presenteren de aarde aan de hand van een aantal afgelegen locaties, waar het lijkt alsof mensen er nooit van in de buurt zijn geweest, maar vaak is dat niet het geval. De makers doen hun stinkende best om boswachterhutjes, toegangswegen, en soms zelfs hele gebouwen buiten beeld te laten. De BBC-serie Africa werd er al op bekritiseerd dat een belangrijk onderdeel van Afrika compleet was vergeten in de documentaire: de Afrikanen. Mensen die nu deze docu hebben gezien, verwachten een paradijselijke wildernis te vinden op het continent, maar in werkelijkheid komen ze terecht in drukke steden en grote stukken boerderijgrond.

Attenborough, hoe fantastisch hij ook is, komt hier helaas ook niet zonder kleerscheuren vanaf. Zijn meest recente films focussen nagenoeg allemaal op klimaatverandering en de impact ervan op de natuur, een belangrijk onderwerp waar zeker aandacht aan besteed moet worden. Hij presenteert ’s werelds mooiste wildernissen om te laten zien wat er gebeurt als mensen zich er een keer niet tegenaan bemoeien. De wildernis is hierin het perfecte stukje natuur, en ieder stukje menselijke bemoeienis is slecht. Als we nog een hele boel ongerepte wildernissen zouden hebben, was dit een mooi ideaal geweest. Maar, vertelt Marris, daar zijn er nog maar bar weinig van over. Helaas wonen er toch echt bijna acht miljard mensen op de aarde, en om ze niet mee te nemen in de docu’s wordt juist onnatuurlijk; ze zijn onlosmakelijk verbonden met deze gebieden.

Het is vergelijkbaar met de opname van films en series als Lord of the Rings of Game of Thrones, waar gebieden worden gefilmd die lijken alsof er geen moderne mens aan te pas is geweest. Iedere elektriciteitsmast of asfaltweg wordt weggewerkt, en wanneer er dan iets wordt vergeten wordt je meteen uit die illusie gehaald. Maar de natuurfilm beeldt onze aarde af zoals deze zou moeten zijn, dus misschien willen we nu juist die elektriciteitsmast (of Starbucks beker) wél zien. Waar Attenborough zich met de BBC op richt is het laten zien van de wereld in een alternatief universum zonder mensen, stelt Marris. De kijker moet nu de natuur leren herkennen hoe het is, met de mens als speler in het grote schaakspel met moeder natuur.

Gelukkig hoeven we hiervoor de prachtige, chaotische onderwaterbeelden met dofijnen, walvissen en zeeleeuwen niet voor op te geven, stelt Marris gerust, maar het is ook tijd om de mens een rol te geven in natuurdocumentaires. Voor een goed voorbeeld kunnen we naar onze eigen documentairemakers kijken: de Nederlandse film De otter, een legende keert terug doet dit namelijk erg goed. De film heeft de gebruikelijke net-iets-te-mooie shots, prachtige landschappen, en close-ups van otters zoals je deze nog nooit gezien hebt, maar focust op de terugkeer van de otter door toedoen van de mens. Het maken van eco-tunnels, speciale bruggetjes voor de waterbeesten, en opvangcentra komen aan bod. Op een gegeven moment wordt een otter gefilmd die besluit in een schuurtje zijn territorium af te bakenen op een opblaasbare zwemband. De wisselwerking tussen mens en dier, maar nog steeds een lofzang op de natuur. Daar kan de BBC nog wel van leren.

Wil je meer weten over de bijzondere wereld van de natuurdocumentaire? Lees het artikel van The Atlantic dan hier.

Wouter Peer