Close

Het zalig falen, met Joost Kadijk

03 november 2021 10:11 / Week van de vruchtbaarheid
Joost Kadijk.
Joost Kadijk.
Z Zonder wrijving geen glans. Redacteur Lizzy van Hees spreekt daarom iedere week iemand over zijn of haar royal fuck-ups en uitzinnige uitglijers, de dingen die niet goed zijn gegaan. Leveren die missers ook wat op?

Vorig jaar sprak ik Joost Kadijk (51) al een keer over zijn onvervulde kinderwens. Zijn verminderde vruchtbaarheid is iets waar hij zelf weinig invloed op had, maar wat toch als falen voelde. Tijdens de Europese Week van de Vruchtbaarheid staat de man dit jaar centraal en dat is hoognodig, vindt Joost. Sinds zijn eigen kinderwenstraject is hij actief bij patiëntvereniging Freya, waar hij onder andere veel contact heeft met mannelijke lotgenoten.

Toch kijken we als het over kinderen en vruchtbaarheid gaat nog steeds vaker naar vrouwen. Zowel op het gebied van de medische aspecten als de emotionele impact van een onvervulde kinderwens. En daar kan je je als man behoorlijk eenzaam door voelen, weet Joost uit ervaring. Om dat te veranderen deelt hij zijn eigen ervaringen en de door hem verzamelde tips in Een praktische gids voor kinderloze vaders.

Jouw motto is 'het gaat nooit mis, hooguit anders dan verwacht', maar toen jij en je vrouw zwanger wilden worden, ging het wel mis. Althans, het lukte niet.

"Ja, het is logisch om te denken dat ik als man heb gefaald om nageslacht op de wereld te zetten. Als ik naar mijn leven kijk, zijn er heel veel dingen die niet helemaal lukken of niet meteen, dat zal voor iedereen gelden. Maar dit is helemaal niet gelukt. En dat kan ik op geen enkele manier verbloemen."

'Ik heb me nooit afgevraagd: kan ik überhaupt wel kinderen verwekken'

"Het gekke is dat ik het zelf ook totaal niet zag aankomen. Als mens ben je over een heleboel dingen onzeker: heb ik wel genoeg vrienden? Heb ik de goede studie gekozen? Vind ik wel een leuke baan? Maar ik was nooit bezig met of het mij wel of niet zou lukken om kinderen te krijgen. Daar denk je gewoon niet over na.

Toen ik 18 was, ben ik bijvoorbeeld een jaar gaan reizen en heb ik een onwijs leuke Française ontmoet. We hadden een korte relatie en toen ik terugging naar Nederland, wisten we allebei dat er een kans bestond dat ze zwanger was. We hadden onveilige seks gehad en zij had aangegeven het kind te willen houden, mocht het zover komen. Thuis heb ik daar natuurlijk heel veel over nagedacht: fuck, misschien heeft ze wel een kind van mij. Ik heb haar opgezocht en ze bleek niet zwanger, dus die zorgen waren onnodig, maar ik wist in die periode nog niet dat ik praktisch onvruchtbaar was. Ik heb me nooit afgevraagd: kan ik überhaupt wel kinderen verwekken?"

Wanneer kwam die gedachte of realisatie voor het eerst?

"Toen ik mijn huidige vrouw ontmoette. We waren allebei zo halverwege de dertig, en als je kinderen wilt, ga je dan best snel. We hadden een grote reis gemaakt samen, daarna meteen een huis gekocht en besloten dat we twee of drie kinderen wilden. We zaten compleet in die funnel, totdat bleek dat het niet zo soepel ging..."

Hoe lang waren jullie toen bezig?

"Mijn vrouw was iets ongeduldiger dan ik, dus die zei al na een paar maanden dat we naar een arts moesten. Daar wordt dan meestal gezegd: probeer het een jaar en als het dan niet is gelukt, mag je terugkomen. Wij hadden een beetje een bijzondere situatie vanwege de medische geschiedenis van mijn vrouw, in combinatie met onze leeftijden word je dan sowieso snel als 'medisch geval' gezien."

'Over de biologische klok van mannen hoor je eigenlijk nooit iemand'

"Volgens mij hebben wij daardoor ook al net voor die grens van een jaar vruchtbaarheidsonderzoeken gedaan en toen werd snel duidelijk dat de oorzaak bij ons beiden lag. We waren allebei verminderd vruchtbaar en samen is dat geen veelbelovende optelsom."

Hoe voelde het om dat te horen?

"Dat voelt natuurlijk als een klap in je gezicht, alsof je een heel slecht rapport krijgt. En ook al waren we er al even mee bezig, kwam het toch onverwacht. Want iedereen om ons heen kreeg ogenschijnlijk moeiteloos kinderen. Ergens was wel het een opluchting dat het niet aan één van ons lag, want nu konden we elkaar de schuld geven – of onszelf. Daardoor was de schuldvraag meteen niet meer relevant.

Wat de oorzaak precies is, werd nooit helemaal duidelijk. Dat is wel vaker zo omdat er zoveel factoren meespelen. Het kan ook deels met hormonen te maken hebben, en mijn testosteronwaarden waren laag. Daarnaast gaat zaadkwaliteit achteruit na je 35e. Maar over de biologische klok van mannen hoor je eigenlijk nooit iemand."

Hoe hebben jullie die klap verwerkt?

"Op dat moment waren we eigenlijk vooral praktisch bezig. Wat zijn de mogelijkheden? Willen we dat proberen? Wat zijn de voorwaarden? Ons werd ICSI geadviseerd, een soort IVF, waarbij de spermacel wordt geïnjecteerd in de eicel. Wij zagen dat eerst wel als ingrijpen in de natuur, maar dachten ook: als we het niet proberen, krijgen we spijt. En als je 35 of 36 bent, heb je ook niet de tijd om zo'n besluit lang uit te stellen. Als je het niet doet en je vijf jaar later bedenkt, dan is die mogelijkheid er niet meer en ben je te laat."

"Achteraf zie ik veel beter in wat voor pressure cooker wij zaten: we waren pas twee jaar samen, hadden een huis op de groei gekocht, moesten nu besluiten hoe belangrijk die kinderwens was én of we genoeg van elkaar hielden om ook zonder kinderen een leven op te bouwen. Gelukkig waren we het met elkaar eens en besloten we het wel te proberen, en als het niet zou lukken, toch samen een leven op te bouwen. We hebben het heel taakgericht, ja bijna zakelijk, aangepakt."

Was er geen ruimte voor emotie?

"Dat kwam voor ons pas later. Wij waren zo bezig met die opdracht, daar deden we alles voor. En bijna allemaal samen. In het ziekenhuis doen ze veel meer onderzoeken bij vrouwen dan bij mannen. Daar zit de kraamkamer als het ware en kunnen ze veel meer inwendige onderzoeken doen. Maar ook tijdens de behandeling ligt de focus daar: er worden hormonen gespoten, puncties gedaan, het terugplaatsen van een bevruchte eicel. Bij mij was het na het sperma-onderzoek klaar. 'Het ziet er niet goed uit, maar we kunnen er nog wel wat mee', was de strekking en daarna hoef je alleen maar iets in te leveren voor de behandeling."

'Als je aan het einde van de rit een kind hebt, dan vergeet je die ellende waarschijnlijk'

"Toch wilden wij dat medische traject als stel echt samendoen, dus ik was er bij vrijwel ieder onderzoek en gesprek bij. Dat maakt zo'n periode ook heel dubbel, aan de buitenkant was ik de succesvolle consultant aan het uithangen, maar tegelijkertijd zat ik in een superonzeker en spannend medisch traject."

Ook al was je bijna overal bij, heb je je als man toch af en toe een figurant gevoeld. Waar komt dat door?

"De redenen voor verminderde zaadkwaliteit zijn voor een groot deel onduidelijk, dus als je niet rookt, niet te dik bent, geen knellende boxershorts draagt en niet naar de sauna gaat, is er weinig wat je kan doen om het zelf beter te maken. Doordat er bij mijn vrouw wel zoveel onderzoeken werden gedaan, kwam bij haar de focus te liggen. Als man word je daardoor een soort bijrijder of toeschouwer – en dan hadden wij nog het geluk dat we vrij close zijn met elkaar. Maar zo'n traject kan veel druk leggen op koppels."

Is dat bij jullie nooit gebeurd?

"Natuurlijk hebben wij elkaar ook weleens de tent uit gevochten. En doordat er zoveel druk ligt op zwanger worden, heb ik ook een tijd minder plezier beleefd aan seks. Dat heb ik later van veel meer mannen gehoord, en ja, dan zijn er ook perioden waarin je minder seks hebt met elkaar. Niet zo gek, denk ik, omdat alles onder een vergrootglas lijkt te liggen. Dat is op z'n minst stressvol te noemen."

"Wij hadden van tevoren besloten dat we drie ICSI-pogingen zouden doen, maar toen die mislukten, kwam pas echt de klap. Dan sta je pas stil bij wat je allemaal hebt meegemaakt. Ik heb weleens gedacht: als je aan het einde van de rit een kind hebt, dan vergeet je die ellende waarschijnlijk. Maar wij hadden na drie keer verloren, we hadden niets en bleven met lege handen achter. Dat voelde als de grootste mislukking. Het is ons niet gelukt, en het gaat ook niet meer lukken."

Inmiddels zijn we ruim tien jaar verder, hoe kijk je er nu tegenaan?

"Het heeft mij geleerd dat het leven niet maakbaar is, maar het heeft ons ook in laten zien dat ons levensgeluk er niet van afhangt. Natuurlijk zijn we er heel verdrietig over geweest. En stiekem waren we nog best lang teleurgesteld als mijn vrouw weer ongesteld werd, omdat je ergens toch hoopt op een wonder. Mensen zeggen weleens dat het juist lukt als je stopt met proberen, maar dat zat er bij ons echt niet in. Zo werkt de biologie gewoon niet. We hebben volgens mij wel een soort rouwperiode gehad, maar het is niet zo dat ons leven geen zin meer heeft."

'Niet iedereen durft of kan het er in z'n eigen omgeving over hebben, zelfs niet met een partner'

"Ik ben misschien mislukt als vader omdat ik geen kinderen heb gekregen, dat raakt aan mijn identiteit. Maar daardoor ben ik mezelf ook gaan afvragen wat ik wél met mijn leven wil doen. Een kind hebben duwt je in een bepaald ritme, maar ik heb de vrijheid om die tijd anders in te vullen. Door maatschappelijk actief te zijn, te reizen, veel met vrienden af te spreken en vrijwilligerswerk te doen met lotgenoten."

Hoe is het om hierover te praten met andere mannen?

"Er zit nog zoveel taboe en schaamte in die gesprekken. Misschien omdat we testosteron en vruchtbaarheid zien als iets dat bepaalt of je wel een 'echte man' bent. Onzin natuurlijk, maar ik denk dat veel mannen wel bang zijn dat verminderde vruchtbaarheid iets afdoet aan hun mannelijkheid. Maar er zitten ook mannen bij van wie de partner niet vruchtbaar is. De gemene deler is het medische traject als je wel een kinderwens hebt – en de stress die daarbij komt kijken. Onbegrip bij vrienden, (schoon)ouders die vragen wanneer ze opa of oma worden, wat je tegen collega's zegt als je naar het ziekenhuis moet. Of de eerste keer dat je op kraamvisite gaat, terwijl je zelf in onzekerheid leeft. Voor veel mannen is dat contact met lotgenoten de eerste keer dat ze erover praten, want niet iedereen durft of kan het er in z'n eigen omgeving over hebben, zelfs niet met een partner."

"We hebben allemaal dezelfde of soortgelijke dingen meegemaakt en het is fijn om daar op een veilige manier over te praten. Daarom heb ik ook dit boek geschreven, er is namelijk ook een leven na zo'n intensief traject. Ook als je kinderloos blijft. Ik ben niet zielig omdat het ons niet is gelukt, want er blijft genoeg moois in het leven. Daar moet je in investeren."

Ben je ooit nog boos of verdrietig?

"Laatst was ik bij een goede vriend aan het eten die drie pubers heeft en toen moest ik eraan denken dat ik daar vroeger Sinterklaas speelde, toen zijn kinderen klein waren. Die eerste keren waren wel pittig, want dan zie je zo'n tafereel en besef je toch: dit ga ik nooit zelf meemaken op deze manier. Hetzelfde geldt voor de eerste begrafenissen waar je heen gaat, als je de kleinkinderen een kaarsje ziet aansteken. Maar uiteindelijk wennen die momenten. Vorig jaar overleed mijn eigen vader en de kerk was niet alleen gevuld met familie en nageslacht, daar zitten ook buren, vrienden en andere dierbaren. Kinderen zijn geen vereiste voor een compleet en rijk leven.

Mijn trauma is er niet meer, en ik heb er ook geen dagelijks verdriet om, maar dat betekent niet dat die moeilijke momenten er af en toe zijn. Al heeft die vriend met drie pubers weer hele andere sores aan z'n hoofd, dat realiseer ik me net zo goed. Het mooiste is dat het niets afdoet aan onze vriendschap en dat we erover kunnen praten. Spermakwaliteit gaat al jaren achteruit, dus in plaats van vooroordelen en zwijgen, moeten we het er juist over hebben."

Een praktische gids voor kinderloze vaders is sinds deze week verkrijgbaar.

Lizzy van Hees