Close

Eva: 'De struikelstenen voor mijn deur zeggen: vergeet mij niet'

04 mei 2022 11:05 / Dodenherdenking
S Sinds kort liggen er zes struikelstenen voor het huis van Eva. Ter nagedachtenis aan Margrit Weinberg en haar familie, die in 1944 zijn gedeporteerd. Zij overleefden de oorlog niet. Bijna tachtig jaar later ontmoet Eva Margrits oude schoolvriendin, Betsy van der Meer, die de herinnering aan deze familie altijd in leven heeft gehouden.

Mijn zoon Pax en ik kunnen onze ogen er niet vanaf houden: de zes glimmende messing steentjes die zojuist voor onze deur in de stoep zijn geplaatst. Omdat het zo'n stralende dag is, lichten de stenen op als juwelen. Pax en ik gaan door onze knieën om ze aan te kunnen raken. Mijn zoon is 3,5 jaar en vraagt: 'Wat is dit mama?' En voor het eerst in zijn leven weet ik niet wat ik moet zeggen. Het is zodat we mensen niet vergeten, antwoord ik uiteindelijk.

De stenen zijn Stolpersteine, oftewel struikelstenen; messing steentjes die worden geplaatst in de stoep waar een slachtoffer van de Nazi's voor het laatst heeft gewoond. Op elke messing steen staat de naam en het geboortejaar van één slachtoffer, het jaar dat ze zijn gedeporteerd, en de datum en plaats waar ze zijn vermoord. Je vindt ze op 1200 plaatsen in Europa.

Margrit was een bescheiden en lief meisje

Niet veel later kom ik een buurvrouw tegen voor de deur. Samen bewonderen we de gedenkstenen en zij vertelt me hoe déze er zijn gekomen: dankzij een vrouw die bevriend was met het meisje dat in mijn huis woonde. Een meisje dat daarvandaan is meegenomen en vermoord. Ik wil meteen weten wie deze vrouw is en mijn buurvrouw belooft het uit te zoeken.

Nog geen week later ben ik in Capelle aan den IJssel, in de buurt van Rotterdam, op bezoek bij Betsy van der Meer. Ze heeft ons haar adres gemaild en wacht ons enthousiast op. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit iemand van 92 jaar heb ontmoet, die zo scherp en nieuwsgierig, op de hoogte en betrokken is als deze vrouw. Haar geheugen is fenomenaal.

Betsy van der Meer en Eva Jinek in Capelle aan den IJssel
Betsy van der Meer en Eva Jinek in Capelle aan den IJssel

Betsy's schoolvriendin was Margrit Weinberg. Een bescheiden, lief meisje bij wie Betsy zich goed voelde. Margrit kwam oorspronkelijk uit Duitsland, maar vluchtte samen met haar ouders, broertje en oma en opa naar Nederland voor het oprukkende antisemitisme. "We kregen op onze school verkeersles," vertelt Betsy, "en Margrit kon toen niet zo goed meekomen. Misschien ook wel door de taalachterstand, want ze verwarde links en rechts nog weleens, dus vroeg de juf of ik haar even op weg wilde helpen. Dat was het begin van onze vriendschap."

Na school dronken ze samen limonade bij Margrit thuis, aan tafel met haar moeder die geen Nederlands sprak, maar die 'zo hartelijk was, zo lief. En altijd zo elegant gekleed'. Betsy herinnert zich levendig dat ze grootouders van Margrit in de andere ruimte zag zitten, en dat ze medelijden voelde want de opa van Margrit kon niet meer goed lopen. Als de meisjes hun limonade op hadden, speelden ze altijd buiten op straat. Op de stoep voor de deur touwtjespringen, of hinkelen. Precies op de plek waar nu die messing stenen liggen.

Betsy laat me een poëziealbum zien. Het is nog puntgaaf. Ze opent het op de pagina met het gedichtje dat Margrit voor haar schreef, meer dan tachtig jaar geleden. Het handschrift oogt volwassen, met sierlijke letters, en een vaste hand. De laatste zin: vergeet mij niet.

Toen Marguerite Weinberg naar Nederland vluchtte met haar ouders, veranderde ze de spelling van haar naam naar Margrit
Toen Marguerite Weinberg naar Nederland vluchtte met haar ouders, veranderde ze de spelling van haar naam naar Margrit

Toen Betsy en Margrit in de herfst van 1941 aan het laatste jaar op hun lagere school zouden beginnen, verdween Margrit. Van de ene dag op de andere kwam zij – net als elf andere joodse kinderen uit Betsy's klas – niet meer terug. De overgebleven kinderen werden bij elkaar geroepen in de gymzaal waar de lerares vertelde dat de verdwenen klasgenoten door de Duitsers niet meer 'gewenst' waren. Ze zouden zijn overgeplaatst naar andere scholen. En de leerlingen mochten vooral niet op zoek gaan naar hun klasgenootjes, want dat kon tot represailles leiden. Daarna werd er met geen woord meer gerept over de verdwenen kinderen.

Betsy trok haar eigen plan. Hoe kon haar vriendin ineens verdwenen zijn? Zonder afscheid te nemen? Zonder een adres achter te laten… Betsy ging stiekem naar het huis van Margrit, maar toen ze daar door het raam van de voordeur keek, zag ze tot haar verbijstering dat het hele huis was leeggehaald. Er was niets meer, niemand meer.

Betsy van der Meer (rechts) en haar schoolvriendin Margrit Weinberg (derde van links)
Betsy van der Meer (rechts) en haar schoolvriendin Margrit Weinberg (derde van links)

Aan de keukentafel in Capelle haalt Betsy nog een kleine foto uit een envelop, zorgvuldig bewaard en na een heel leven nog altijd ongeschonden. Het is een foto van Margrit samen met haar broertje, ergens aan het water. "Deze heeft ze me ooit gegeven, en ik heb er zo vaak naar gekeken, mijn hele leven lang. Zeker als ik het moeilijk had, dan dacht ik aan Margrit, aan wat zij en haar familie allemaal hadden moeten doorstaan, de onmenselijke dingen die zij hebben meegemaakt. Ik ben haar nooit vergeten."

Margrit en haar familie zijn tijdens hun onderduiken opgepakt en op 17 januari 1944 naar Westerbork vervoerd. Iets meer dan een maand later, op 25 februari 1944, zijn ze op transport gesteld naar concentratiekamp Theresienstadt in Tsjechië. In dat kamp bleef de familie tot 4 oktober 1944. Op die dag zijn ze in een veetrein naar Polen vervoerd, naar vernietigingskamp Auschwitz. Twee dagen later werden ze vermoord. De vader van Margrit werd een week eerder gedeporteerd en is vermoord op 30 september 1944. De opa en oma van Margrit zijn vermoord in Sobibor, dat ook in Polen ligt.

Margrit en haar broertje Walther
Margrit en haar broertje Walther

Margrit woonde in het huis waar ik nu woon. Ik kijk door de oude voordeur waar Betsy doorheen tuurde, op zoek naar haar vriendin. Ik sluit de ensuite deuren en probeer me voor te stellen in welke kamer de oma en opa van Margrit zaten. Nu is dit niet meer het huis van een anoniem meisje dat hier is weggehaald en vermoord, nu is dit het huis van Margrit Weinberg. Volgende week komt haar vriendin Betsy van der Meer koffie bij mij drinken, 81 jaar nadat ze voor het laatst hier samen hebben gespeeld. Ik zal Margrit ook nooit vergeten. En: nu weet ik wat ik Pax later ga vertellen, over die glimmende steentjes voor de deur.

Eva Jinek