Close

Mid-career crisis: wat als je geen zin meer hebt in je werk?

12 september 2022 01:09 / Carrière
J Je staat vast niet elke maandagochtend te trappelen om je laptop weer open te klappen. Maar wat als dat gevoel aanhoudt en je werkplezier langere tijd ver te zoeken is? Kun je het dan nog terugkrijgen, of is het een kwestie van 'cope or quit'?

Hoeveel voldoening je ook uit je werk haalt en hoe gezellig je het ook hebt met collega's: soms heb je er even helemaal geen zin meer in. Je weet heus nog wel wat er ooit zo leuk was aan je werk, maar je voelt het even niet meer. Of zelfs al een hele tijd niet. Is dat erg? En kun je iets doen om van je huidige baan weer een leuke baan te maken?

Om met het geruststellende nieuws te beginnen: het is heel normaal om af en toe geen zin meer te hebben in je werk. "Als je verwacht dat je na elke werkdag thuiskomt met een hallelujagevoel, leg je de lat heel hoog voor jezelf", zegt loopbaanadviseur en -coach Pauline Houwing. "Werken is nou eenmaal niet altijd leuk. Soms is het gewoon bikkelen. En in elke baan zijn er taken die ik 'de wc schoonmaken' noem: dingen die niemand leuk vindt, maar wel gedaan moeten worden. Mails beantwoorden, de administratie doen of gespreksverslagen maken, bijvoorbeeld. Daar moet je je soms even overheen zetten, zeker na een weekend of een vakantie. Als je dat eenmaal doet, komt het werkplezier vaak vanzelf weer terug." Zelfs notoire maandaghaters komen vanzelf weer in de werkflow als ze hun laptop op de eerste werkdag van de week eenmaal hebben opengeklapt. En zzp'ers hebben zelfs nauwelijks last van zo'n dip, weet Houwing. "Zij zitten er niet zo mee dat die wc schoongemaakt moet worden, waarschijnlijk omdat ze zelf bepalen hoe en wanneer ze dat doen."

'Als de werkdruk te hoog is, of de lat juist te laag ligt, laad je niet meer op'

Een tijdelijke werkdip gaat dus bijna altijd weer over. Maar loopbaancoach Manon Erich spreekt in haar praktijk ook young professionals die steeds vaker zo'n dip hebben, die ook nog eens steeds langer duurt. Erich: "Sommige mensen hebben er zelfs maandenlang last van. Ze voelen zich niet meer verbonden met de missie van het bedrijf waar ze werken, voelen zich niet meer thuis in hun rol of hebben het gevoel dat ze niks meer leren, omdat hun werk routinematig is geworden. Soms blijven hun talenten onbenut of ervaren ze weinig waardering, waardoor hun werkplezier is afgenomen. Of er is gedoe op de afdeling."

Ook funest voor je werkplezier: te weinig invloed uitoefenen op de manier waarop je je werk doet en hoe je je agenda indeelt. "Natuurlijk zijn er altijd taken die nou eenmaal gedaan moeten worden, maar we willen allemaal invloed uitoefenen op wat we doen en wanneer we dat doen." Al die dingen kunnen een grote impact hebben op de manier waarop je je werk beleeft. Ze kunnen leiden tot behoorlijk wat stress, met uiteindelijk zelfs een burn-out of een bore-out tot gevolg. "Als de werkdruk voortdurend te hoog is, of de lat juist veel te laag ligt, laad je niet meer op", verklaart Erich. Heb je niet alleen een keer op maandagochtend opstartproblemen, maar élke maandag, en daarna ook op dinsdag en woensdag, en dat maandenlang? Dan is het tijd om in actie te komen.

Stil protest

De meest rigoureuze oplossing: ander werk zoeken. Dat kan een aantrekkelijke optie zijn, zeker nu de banen voor het oprapen liggen. In de VS zouden zoveel mensen zich in coronatijd bewust zijn geworden van de onvrede met hun werk, dat ze massaal hun baan opzegden. Er wordt zelfs gesproken van The Great Resignation, met Beyoncé's recente hit Break My Soul als strijdlied ('And I just quit my job. / I’m gonna find new drive. / Damn, they work me so damn hard'). Al is dat beeld een tikkie vertekend, schrijft Harvard Buisness Review: veel mensen waren al van plan hun baan op te zeggen, maar stelden dat uit vanwege de onzekere coronaperiode. Daarna deden ze het alsnog – vandaar de piek in de statistieken. Dat neemt trouwens niet weg dat Beyoncé sommige Amerikanen net het zetje gaf om ontslag te nemen – de Texaanse Giselle hoorde het nummer, zag het als een teken van het universum en stopte meteen als Starbucks-barista. Tegelijkertijd wordt er op social media volop gesproken over quiet quitting, een trend die is overgewaaid uit China en daar dient als kritiek op de werkcultuur waarin lange dagen de norm zijn. Quiet quitters doen uitsluitend waar ze voor betaald worden, en geen taakje meer. Geen overuren maken dus, en geen mails checken buiten werktijd. Vooral Gen-Z'ers en millennials zouden deze trend in de praktijk brengen. Misschien doet het wonderen voor je werk-privébalans, maar of het je werklust aanwakkert, is maar de vraag.

Voordat je meteen je baan opzegt of in stil protest gaat, is het misschien verstandig eerst eens te kijken of er nog andere opties zijn. Misschien kun je je werkplezier terugvinden. Maar hoe? Volgens Ad Bergsma, psycholoog, geluksonderzoeker en coauteur van Handboek werkgeluk, is het belangrijk allereerst te accepteren dat je baalt van je werk. "Onze hersenen zijn gemaakt om problemen op te lossen," zegt hij, "maar als je je rotgevoel gaat opvatten als een probleem dat opgelost moet worden, ga je je concentreren op de reden dat je je zo voelt. Dat kan soms handig zijn, maar je kunt je er ook in vastdraaien. Ons brein vergroot onze emoties namelijk altijd uit. Zie ze liever als wolken die voorbijdrijven en bekijk ze met een mengeling van verbazing en interesse. Stel jezelf dan de vraag: hoe komt het dat ik me zo voel? Ben ik overbelast, moe? Hoe lang voel ik me al zo? Is het structureel? Wat zou er moeten veranderen? Dan hoef je niet in de kramp te schieten en meteen een nieuwe baan te zoeken. Het hoeft niet meteen allemaal anders en beter.” Kom je hier zelf niet uit, dan kun je altijd eens praten met iemand die je vertrouwt: je partner, een goede vriend of een professional, zoals een loopbaanadviseur. "De blik van een buitenstaander helpt altijd", zegt Bergsma. "Niet omdat een ander altijd gelijk heeft, maar omdat-ie je kan helpen met het vinden van blinde vlekken."

Ons brein is trouwens ook geneigd erg snel te wennen aan dingen die goed gaan. Die beste werkvriend, gezellige werkborrels, geslaagde projecten: we zien het al snel als normaal. De negatieve aspecten van je werk wegen in je hoofd veel zwaarder, legt Bergsma uit. “Door aan het eind van de werkdag even stil te staan bij alle goede dingen die je ten deel zijn gevallen, kun je die automatische neiging van je brein een klein beetje corrigeren.”

Positieve spiraal

Het is soms moeilijk te bepalen of je je baan écht zat bent of dat de werkliefde slechts tijdelijk bekoeld is, maar die vraag kun je uiteindelijk toch echt alleen zelf beantwoorden. Wel kan het helpen op een rijtje te zetten van welke taken je energie krijgt en wat je vooral energie kost. Het is sowieso een goed idee eens in de paar maanden na te gaan of je nog wel op je plek zit in je huidige functie, of je je talenten goed benut en hoe die energiebalans eruitziet.

'Werk maakt een substantieel deel uit van je leven, dus waarom niet proberen om het naar je zin te hebben?'

"Misschien is er wel een collega die jouw energieslurpende taken juist leuk vindt en vice versa, en kun je aan job crafting doen", zegt loopbaancoach Houwing. Oftewel: je eigen functie vormgeven. Nog niet alle werkgevers staan hier trouwens voor open: "Sommige werkgevers zijn bang dat de ene werknemer dan alle 'makkelijke' taken gaat uitvoeren en de ander alle 'moeilijke', of ze zijn bang dat de arbeidsvoorwaarden uit evenwicht raken. Maar anderen zijn juist heel actief bezig met job crafting. Het is in opkomst."

Waar je ook precies tegenaan loopt, het is altijd een goed idee om naar je leidinggevende te stappen, zegt Houwing. "Misschien ziet hij of haar wel manieren om de werkdruk te verlagen, of kun je een opleiding of cursus volgen, zodat je meer uitdaging in je werk krijgt. Uiteindelijk moet je ervoor zorgen dat de stressoren verdwijnen en de energiebronnen toenemen." Als de werkdip niet verdwijnt, is het verstandig op onderzoek uit te gaan door een loopbaanadviseur te raadplegen en eventueel je werkenergie te analyseren, benadrukt Houwing.

Wacht niet te lang met zoeken naar een mogelijke oplossing, benadrukt loopbaancoach Erich. Hoe langer je jezelf tegen heug en meug naar je werk blijft slepen, hoe groter de tegenzin wordt. "Wil je je loopbaan leuk houden tot je 68ste, dan zul je je bewust moeten zijn van je ambities, talenten en motivatie en je regelmatig afvragen of die nog passen bij je functie. Als je met weinig energie en optimisme naar je werk gaat, heeft dat effect op jezelf en de mensen om je heen. Je kunt conflicten met je werkgever krijgen, bijvoorbeeld omdat je dat stapje extra niet meer wilt doen, en zelfs ziek worden en uitvallen." Voor je het weet beland je in een negatieve spiraal, zegt psycholoog Bergsma: je hebt ruzie op je werk, wordt daar onzeker van, gaat er slechter door slapen, hebt daardoor minder energie op je werk en krijgt je taken niet meer goed af, waardoor je ongerust wordt om naar je werk te gaan.

Gelukkig bestaat er ook een positieve spiraal: doe je werk dat je betekenisvol en leuk vindt, dan krijg je daar energie van en wil je daar meer van doen. "Daardoor ben je eerder geneigd nieuwe dingen te leren en ga je meer relaties met anderen aan. Kortom: je wordt beter in wat je doet en krijgt een groter netwerk, waardoor je ook beter ondersteund wordt als het een keer tegenzit op je werk." De broaden-and-build-theorie, heet dat in de psychologie: positiviteit trekt positiviteit aan.

En als je de conclusie trekt dat je niks meer kunt doen om je huidige baan weer leuk te maken? Dan is het misschien tijd om eens verder te kijken, hoe spannend dat ook is. De kans is groter dat je jezelf tekortdoet door passief te blijven dan door verder te zoeken, zegt Bergsma. "Natuurlijk denkt niemand op zijn sterfbed: had ik maar meer gewerkt. Maar werk maakt wel een substantieel deel uit van je leven, dus waarom zou je niet proberen het naar je zin te hebben en iets doen wat nuttig is en waar je voldoening uit haalt? Aan het eind van de dag voldaan zijn over wat je hebt gedaan en er ook nog plezier aan hebben beleefd, lijkt mij een mooi ideaal om naar te streven."

Kim van der Meulen