Close

Kunnen we stoppen met schreeuwen en zeiken?

28 mei 2020 05:05 / Janneke Niessen
Columnist background Columnist image
I In een crisis die alleen maar verliezers kent, proberen verrassend veel mensen elkaar af te troeven. Columnist Janneke Niessen begrijpt dat bedrijven en sectoren hulp nodig hebben, maar kan het geschreeuw en gezeur niet wat minder?

Met enige verbazing en irritatie zit ik al een aantal weken te kijken hoe iedereen over elkaar heen buitelt om te vertellen dat hun branche of groep het hardst is getroffen door corona, het belangrijkste is voor de toekomst van Nederland of zelfs een combinatie van die twee. Wat ze stuk voor stuk met elkaar gemeen lijken te hebben, is dat ze veel hulp nodig hebben – het liefst nu meteen – en dat er naar hen geluisterd moet worden.

Natuurlijk heb ik begrip voor de horecasector, start-upwereld en andere groepen die worden geraakt door de pandemie. Maar om een punt te maken, dragen ze vaak argumenten aan die best begrijpelijk zijn, maar ook wat vergezocht. Vervolgens kun je de klok erop gelijkzetten dat anderen het hier absoluut niet mee eens zijn, want hun groep of branche is toch echt belangrijker en moet meer krijgen. Maar ja, geld moet ergens vandaan komen. Dus je kan alleen méér steun krijgen, als die ander minder krijgt. Het wordt bijna een kunst om andermans argumenten onderuit te halen en harder te schreeuwen om hulp. Niet bepaald de meest effectieve werkwijze, lijkt me. En om het nog ingewikkelder te maken, zijn er ook nog mensen die vinden dat je in tijden van corona überhaupt niet over geld mag praten. Alleen over mensenlevens. En op Twitter wordt alweer een volgende discussie gevoerd: of degene die het woord voert namens een bepaalde groep wel het juiste bloesje aanheeft. Laat staan als het is een BN'er is, die kunnen in deze tijd blijkbaar maar helemaal beter hun mond houden.

Toch lijkt het nooit goed genoeg in Nederland. We houden van zeiken en dat gebeurt dan ook volop. Is het dan nooit goed? Als er een regeling is vanuit de overheid of er wordt een gesprek gevoerd met de branche, vinden we het alsnog te laat, te algemeen, te specifiek, te snel of te langzaam. En sowieso niet genoeg. Het moet meer zijn. Maar het is een zero-sum game, want er is geen magische pot met geld waar dit allemaal van kan worden betaald.

Het piept en kraakt aan alle kanten

Eigenlijk hebben deze mensen allemaal gelijk. Want iedereen wordt hard getroffen. Natuurlijk vecht je voor je bedrijf, maar het is geen wedstrijd en er zijn geen winnaars – enkel verliezers. De overheid moet keuzes maken waarbij heel veel belangen meewegen. Niet één individuele branche, bedrijf of persoon, maar het totale systeem is van belang. Daar speelt iedereen een rol in. In het systeem dat onze economie heet, is iedereen een groter of kleiner radartje. En dat systeem blijft draaien zolang er niet te veel radartjes vastlopen. Dus wordt er geprobeerd om zoveel mogelijk radartjes, zo goed mogelijk te laten draaien.

Wat naar de een gaat, kan niet naar de ander. Maar als één radartje helemaal stopt, veroorzaakt dat meer problemen dan een paar langzame radartjes. En als een heel groot radartje stopt, kan dat zelfs het hele systeem onderuithalen. En dan moeten we ook nog uitvogelen welke kleine radartjes van vandaag, wellicht de grote van morgen zijn. Waar heeft het langzamer lopen wél grote consequenties voor de toekomst. Het piept en kraakt aan alle kanten, maar alle regelingen die uit de grond zijn gestampt, zijn ervoor bedoeld dat alles blijft draaien. Dat geen enkele sector helemaal onderuitgaat. Maar helaas kunnen we niet alle schrijnende gevallen voorkomen, en dat betekent dat er nog genoeg individueel leed zal blijven komen. Misschien kent deze crisis alleen maar verliezers, maar alleen een draaiend systeem heeft een vangnet voor diegenen die het niet redden.

Hoezo hebben we zo ontzettend weinig zelfkennis dat we denken dat we hier straks nog hetzelfde over denken. Nee, dan gaan we ook weer zeiken. Want dan komt de rekening. En die rekening komt bij ons allemaal terecht. Waar we nu nog vinden dat de overheid iedereen moet helpen - en we verontwaardigd zijn als dat niet gebeurt - zijn we straks verbolgen over het feit dat het wél is gebeurd. Als we straks de rekening moeten betalen, is het belachelijk dat branche X is gesteund, want zo belangrijk vinden we ze dan ineens niet meer. En hoezo heeft bedrijf Y geld ontvangen? Iedereen had toch kunnen zien dat het nooit wat zou worden? Nu is het allemaal niet genoeg en vinden we dat bedrijven sneller hun geld moeten krijgen maar straks vinden we dat er zorgvuldiger gekeken had moeten worden. Want waarom is er zo onzorgvuldig met ons belastinggeld omgegaan. Nu beheerst Corona ons leven en is alles daarop gericht. Maar straks willen we weer dat er geld naar andere dingen gaat. Maar dan moet het geld er wel nog zijn, want hoe kan het nou dat alles op is gegaan in het bestrijden van de coronacrisis?

Ik begrijp dat iedereen opkomt voor zijn of haar bedrijf of sector, en ik ben ook niet zo naïef om te denken dat als je er niet om vraagt, je toch van alles krijgt toegestopt. Maar iets minder zeiken mag best. Iets meer vertrouwen in de juiste intenties kan ook geen kwaad. En het lijkt me ook niet verkeerd om je te realiseren dat je onderdeel bent van een groter geheel. Heel stiekem hoop ik dat na de crisis blijkt dat er branches zijn die achter de schermen hebben gewerkt aan een regeling en ook zij gewoon hebben ontvangen waar ze recht op hadden.

Hoe fijn zou het zijn om straks te beseffen dat onze overheid echt wel in staat is om de juiste afwegingen te maken en informatie in te winnen. Door met mensen te praten en binnen het grotere geheel te proberen het voor zoveel mogelijk mensen goed te doen. Zal dan blijken dat er fouten gemaakt zijn? 100 procent. Maar besef dan ook dat wanneer je geen fouten tolereert, de plannen op een hele andere manier moeten worden gemaakt. En dat je tegen de tijd dat die perfecte en foutloze plannen af zijn, de economie echt volledig op haar gat ligt. En dan is het voor iedereen te laat. Ja, je mag achteraf kritisch zijn want je kunt er altijd iets van leren voor de toekomst. Maar zullen we het zeiken voorlopig bewaren voor het weer?

Om te weten wat er allemaal mogelijk is, heb je rolmodellen nodig en om een rolmodel te worden, moet je durven pionieren. Dat is precies wat Janneke Niessen doet als technologie-ondernemer en investeerder. Ze deelt iedere week haar persoonlijke ervaringen als ondernemer en schrijft over welke bedrijven je écht wilt leren kennen. En over alles wat haar nog meer opvalt.