Close

Waarom ik nooit meer verlies

02 september 2020 07:09 / Zahra Boufadiss
Columnist background Columnist image
C Columnist Zahra Boufadiss is strafrechtadvocaat in Amsterdam. Op deze plek deelt ze iedere twee weken haar visie op haar werk – en de rest van de wereld.

Kan jij tegen je verlies? Ik namelijk niet, maar gelukkig lijd ik vrijwel nooit een nederlaag. Dat laat ik aan mijn tegenstander over.

Een potje tafeltennis, bordspel of triviant, you name it. Sinds mijn kindertijd houd ik enorm van spellen en wedstrijden. Bloedfanatiek ben ik. Dat is niet altijd makkelijk geweest voor de mensen om mij heen. Klasgenoten zagen gym als een uurtje pauze in korte broek, maar ik benaderde slagbal als een olympische sport. Tijdens een beachvolleybaltoernooi in Kroatië werd ik furieus op mijn teamgenoot, omdat zij niet bereid was om alles in het werk te stellen voor de overwinning. Toen ze weigerde een snoekduik te maken, sloeg ik bijna op tilt. Het feit dat mijn teamgenoot ook mijn moeder was, stemde mij niet milder. Integendeel.

Ik dacht dat deze competitiedrang een voordeel zou zijn in mijn werk

Keihard voor anderen, maar genadeloos voor mijzelf. Van jongs af aan stond ik vrijwel iedere dag op de tennisbaan. Ik reisde stad en land af om toernooien te spelen. Tennissen is geen eenvoudige sport, en dan heb ik het vooral over de mentale strijd. Alles draait om het perfectioneren van je spel. Herhaling, herhaling, herhaling. Eindeloze reeksen dezelfde ballen slaan. Alle tienduizend over het net en binnen de lijnen. Geen fouten maken!

Natuurlijk is de uiteindelijke fout onvermijdelijk. Je bent geen robot. Wanneer het moment daar was en een bal in het net verdween, was ik soms ontzettend boos op mijzelf. Er was ook geen medespeler die het verpest had, of een andere omstandigheid die ik de schuld kon geven. Tennis bracht een mentale belasting mee die ik niet altijd kon dragen. Bij deze wil ik dan ook mijn excuses aanbieden aan de elektriciteitsmast bij de Deventer Lawn Tennis Club: ik had jou nooit mogen mishandelen met mijn tennisracket.

Een aantal jaren later dacht ik dat deze competitiedrang een voordeel zou zijn tijdens werk. De strijdlust kon ik inderdaad goed inzetten, maar ik heb mijzelf de eerste tijd ook ontzettend in de weg gezeten. Waar advocaten in series en films al hun zaken winnen, was de werkelijkheid minder rooskleurig. Sommige cliënten werden veroordeeld, terwijl ik om vrijspraak had gevraagd. Officieren van justitie gingen over tot vervolging, ondanks mijn verzoek om daarvan af te zien. Dit soort resultaten zag ik als een verlies, en ik had altijd geleerd dat nederlagen allereerst aan mijzelf te wijten waren.

Nadat de rechtbank in een moordzaak een beslissing nam waardoor de hele zaak op zijn kop stond, hád ik het niet meer. Woest fietste ik naar huis, terwijl ik de rechtszaak in mijn hoofd afspeelde als een film. Waar had ik het laten liggen? Het ergste was dat het voelde alsof ik mijn cliënt in de steek had gelaten. En dat was ondragelijk. Ik wist dat het zo niet verder kon en besloot het roer om te gooien.

Ik zou zelfs durven zeggen dat verliezen niet langer mogelijk is

Ik besefte dat mijn werk een stuk complexer is dan een tenniswedstrijd. Resultaten worden door mij daarom niet langer bijgehouden op een mentaal scorebord.

Begrijp me niet verkeerd, mijn fanatisme is allesbehalve verdwenen. Sindsdien is langzaam het begrip gekomen dat winst verschijnt in verschillende gedaantes, lang niet altijd als een klinkende vrijspraak. Zeges kunnen ook worden behaald door simpelweg een luisterend oor te bieden aan een klant die voor het eerst vastzit en volledig in paniek is. Een cliënt het gevoel geven dat hij ertoe doet. Ervoor zorgen dat-ie in de gevangenis de faciliteiten krijgt om toch zijn rechtenstudie af te ronden. In geval van moeilijkheden pal voor iemand gaan staan.

Kortom: de grootste winst behaal ik wanneer ik een persoon werkelijk heb bijgestaan. Wanneer ik het best mogelijke resultaat heb behaald. Ik zou zelfs durven zeggen dat verliezen nu niet langer mogelijk is. En dat is maar goed ook, want dat vind ik nog steeds ondragelijk.

Als strafrechtadvocaat is Zahra Boufadiss maatschappelijk betrokken, empathisch gedreven en scherp van tong. Dat maakt dat ze met een bijzondere blik naar de wereld kijkt, of dat nu gaat over de actualiteit of haar persoonlijke leven. In deze columns deelt zij haar gedachten met jullie.

LEES MEER OVER