Close

Hoe de kennis uit de kieslijst verdwijnt

18 november 2020 12:11 / Elodie Verweij
Columnist background Columnist image
M Met de verkiezingen in maart in aantocht, hebben de meeste politiek partijen hun kandidaat-Kamerleden bekend gemaakt. En er valt wat op aan die kieslijsten, zegt politiek redacteur Elodie Verweij: er staan wel heel veel nieuwe namen op.

Het was stil. Doodstil.

De gang waar ik normaal fluitend door wandelde, maakte mij nu plots zenuwachtig. Dit was niet normaal. Alle deuren waren dicht. Veel voorzichtiger dan anders legde ik de hand op de deurklink van de deur van mijn kantoor.

We hebben het hier over ‘Gangetje Binnenhof 1A’, en wel in 2012. Het gangetje van de backbenchers van de VVD-fractie. Ik werkte er destijds, in een vorig leven, als medewerker van een Kamerlid. De sfeer was er normaal gesproken goed: het was hard werken, hard lachen, en - niet altijd natuurlijk! - hard borrelen.

Maar nu dus niet.

Zenuwachtig opende ik toch maar de deur van mijn kantoortje, en daar zag ik mijn baas, dat VVD-Kamerlid, met een bleek gezicht zitten. Hij had net zijn plek op de kieslijst voor de aankomende verkiezingen te horen gekregen: plek 35, net niet verkiesbaar. “Dit is gewoon een publieke afrekendag”, zuchtte hij.  

En eerlijk is eerlijk: dat was het ook.

'De dossiervreters, die mogen achteraan sluiten'

Net voor de verkiezingen krijg je als Kamerlid van de partijtop te horen op welke plek je op de kieslijst komt te staan. En geloof me: dat gaat gepaard met een hoop spanning. Kom je hoger dan de vorige keer? Lager? Sta je wel of niet op een verkiesbare plek? En: op welke plek staan je collega-Kamerleden? Of nog erger: de nieuwelingen? Iedereen kan het van dichtbij volgen.  

Schaamte, teleurstelling, boosheid, blijdschap, jaloezie… ze wisselen elkaar allemaal af op dit soort dagen. Hoe dat zich uit? In geroezemoes op de gang. Dichte deuren. Slaande deuren. Soms een opgeluchte lach. En natuurlijk de kinnesinnende Kamerleden die vinden dat hun collega’s echt een lagere plek hadden verdiend.

Wat je toen al zag: Kamerleden die veel in de media waren gekomen, kregen een hogere plek op de lijst. De minder zichtbare een lagere. En dat is dit jaar niet anders.

In aanloop naar de verkiezingen in maart zijn nu bijna alle kandidatenlijsten bekend - alleen de VVD en de PvdA moeten hem nog presenteren. En ook nu zag je de teleurstelling. Bijvoorbeeld bij D66-Kamerlid Rens Raemakers. Hij is van plek 17 tijdens de vorige verkiezingen gekelderd naar plek 24 nu. Met de huidige peilingen: een onverkiesbare plek. Hij constateert: “Mensen die een grote mond hebben en zichtbaar zijn komen hoog op de lijst. De dossiervreters, de mensen die écht hard werken, die mogen achteraan aansluiten”.

Ik denk dat hij een punt heeft. Maar ik zeg er meteen bij: zo’n lijst samenstellen is verre van makkelijk.

Volgens iemand uit een van de selectiecommissies is het opstellen van de kieslijst net als een worst: “Het eindresultaat is top, maar je wil niet weten hoe die gemaakt is”. Een waarheid als een koe.

Je hebt als selectiecommissie - meestal een clubje van partijprominenten, met de partijvoorzitter en de lijsttrekker als grote eindbazen - te maken met veel belangen. Er moeten vrouwen op de lijst. Bekende koppen. Senioriteit, maar ook vernieuwing. Er moeten mensen op van niet-Nederlandse afkomst. En het liefst ook iemand met een beperking. Ga er maar aanstaan.

Politici stappen nu vaak vrolijk in dezelfde valkuilen

En als je de perfecte lijst hebt samengesteld, heb je met een beetje pech ook nog te maken met de lokale partijbaronnen (arme VVD en CDA), die vinden dat er echt iemand uit Brabant of Overijssel mist in de top tien.

Daar gaat je lijst.   

Makkelijk is het dus niet. Maar dat neemt niet weg dat Raemakers een punt heeft. Kamerleden die het hardst schreeuwen (of het meest bij talkshows zitten) worden beloond. En dat zijn niet per definitie de hardste werkers. Het geheugen van de partij, of van bepaalde technische dossiers, zit juist vaak bij de mensen die op de achtergrond hun werk doen, of bij mensen die er al jaren zitten. Als die allemaal het veld moeten ruimen voor bekende koppen… bedenk eens hoeveel kennis daarmee verloren gaat.

En dan heb je ook nog eens de enorme vernieuwingsdrang van partijen. Neem D66: 8 van de 19 huidige Kamerleden gaan weg. En ook bij de VVD is er een grote schoonmaak aangekondigd. Nóg meer kennis verloren.

Het begint steeds problematischer te worden, zo bleek ook uit de verhoren die vorige week in de Tweede Kamer werden gehouden om erachter te komen waarom er zoveel misgaat bij overheidsinstanties als het CBR, het UWV en de Belastingdienst. Belangrijke conclusie: politici weten vaak niet dat een probleem in het verleden verkeerd is aangepakt, dus die stappen nu vrolijk in dezelfde valkuilen.

Kijk, de kerntaak van een volksvertegenwoordiger is het controleren van het kabinet. Dat is al een hels karwei op zich, omdat je vaak in je eentje met anderhalve medewerker tegen al die ambtenaren op een ministerie op moet boksen. En als je dan na 4 of 8 jaar per se het veld moet ruimen omdat de partijtop zo graag vernieuwing wil, of omdat er een bekende kop hoog op de lijst moet, dan is dat natuurlijk een legitieme keuze van de partijtop, maar wel een met een groot risico: massale kapitaalvernietiging. Om nog niet te spreken van grote projecten die simpelweg meer dan vier jaar in beslag nemen en dan midden in het proces ineens onder heel ander toezicht komen te staan – terwijl ze juist wel wat consistentie kunnen gebruiken. 

Ik zou zeggen: dit moet toch te voorkomen zijn. Een publieke afrekendag, daar ontkom je niet aan. De Kamerleden ambiëren immers een publieke functie. Maar: borg de kennis, en zorg dat je niet allemaal dezelfde - mediagenieke - types op zo’n kandidatenlijst hebt staan. Dan weet je in ieder geval zeker dat de worst die je de kiezers geeft lekker is. Eenheidsworst, daar heeft niemand trek in.

Elodie is chef Politiek van Jinek. Ze is fan van het Binnenhof. Houdt van kletsen, schrijven, en van jurkjes.

Elodie Verweij