Close

Het schuurmeisje

12 april 2022 05:04 / Malou Holshuijsen
Columnist background Columnist image
M Malou Holshuijsen (35) is schrijver, journalist en podcastmaker. Op deze plek geeft ze ons om de week een kijkje in haar leefwereld. Van de lusten van een latrelatie tot de lasten van alledaags seksisme.

Ik draag een strapless neonroze jurk met tientallen, over de grond slepende, laagjes stof. Op het terras voor de lange rij bekijkt een vrouw me in alle rust van grond tot kruin. 'Alsof Carrie Bradshaw in een overspannen suikerspinmachine is gevallen', merkt ze op. Ze steekt een sigaret aan en geniet overduidelijk van haar front row zitplaats. De show in kwestie? Een blik BN'ers en ik – opgedoft als een gekapte poedel voor een hondenshow.

Ik kocht mijn jurk voor het Boekenbal online, waar ze in een virtuele etalage naast de andere fleurige feestjurken hing. Tijdens het passen zat de plastic creatie perfect; mijn borsten muurvast met een strak elastisch bovenstuk én een goede antisliprand (die bij het uitspreken, anti-slip-rand, direct alle geilheid uit een kledingstuk slaat). De rok is lang genoeg om op ongeziene afgetrapte gympen de literaire personeelsborrel te betreden, zonder kans op zere voeten.

Een ijskoude rilling loopt over mijn blote rug

Dat mijn outfit zou uitlopen zoals een nieuwe spijkerbroek dat doet, wist ik op het moment van passen nog niet. Dat de antisliprand zou loslaten evenmin. Dat diezelfde antisliprand een cruciaal onderdeel van het gewaad was, ondervond ik een klein moment na binnenkomst, toen de eerste man op mijn jurk ging staan. Ik sprak hem aan, waarop hij nóg een stap mijn richting op deed om me te kunnen verstaan – en zo trok hij het neonroze kledingstuk in z'n geheel naar beneden. Daar stond ik met ontbloot bovenlijf tussen de dansende auteurs.

De rest van de avond nam ik het zekere voor het onzekere en droeg ik de tientallen lagen stof, die eigenlijk zwierig om mij heen moesten vallen, met beide handen op borsthoogte. Als een verzopen kat, met twee witte benen in afgetrapte sneakers, onder een bij elkaar geraapte jurk. Een wandelende suikerspin – en zo kreeg de vrouw met de sigaret toch gelijk.

Wanneer ik mijn eerste indrukken heb verwerkt, en meer schrijvende schimmen blijk te kennen dan vooraf gevreesd, begin ik me te vermaken. Ergens op de dansvloer tref ik een dansende vriend, die ik niet direct herken omdat we vooraf plechtig zwoeren de gevreesde dansvloer te mijden. Niks voor ons. Even voel ik me betrapt, gezien mijn semi-ritmische bewegingen die op dansen moeten lijken. We lachen, hardop. En net voordat ik me wil laten onderdompelen in alles wat ik vooraf bespotte – dronken dansen op het boekenbal – zie ik haar staan. Een ijskoude rilling loopt over mijn blote rug, ik voel me klein worden.

Het meisje dat niets kan en enkel tegen mannen op de werkvloer loopt aan te schuren

Het moet ergens rond 2015 zijn geweest, op een redactie waar opmerkingen als 'Goeie tieten in dat truitje' en 'Nog geneukt dit weekend?' door de wandelgangen schalden en slechts een enkeling daar vreemd van opkeek. Dit soort uitlatingen waren zo normaal als Marco Borsato in de playlist van een Nederlands radiostation. Er werd nog om gelachen, vanaf het voetstuk naar beneden, en van onder het maaiveld naar de koppen daarboven.

Ik was een redacteur van eind 20 en droeg de bijnaam: schuurmeisje. In eerste instantie dacht ik naïef dat de bijnaam iets met mijn afkomst te maken had. Ik ben opgegroeid in Heemskerk, een tuindersdorp waar schuurfeesten (feesten in een schuur waar bier wordt gedronken) een begrip zijn. Maar al gauw kwam ik tot de pijnlijke conclusie dat schuurmeisje hier iets heel anders betekende: 'Het meisje dat niets kan, maar enkel tegen mannen op de werkvloer loopt aan te schuren'.

De eerste keer deed ik alsof mijn neus bloedde en slikte ik mijn tranen weg

Ik hoorde het haar zeggen, ik hoorde de omstanders lachen. Ze was eindredacteur van een handvol hele leuke mensen en een paar hotemetoten. Collega's waarmee ze zich zo nu en dan op plekken als koffiecorners, redactieruimtes en bedrijfskantines ongehoord waande. De eerste keer dat ik het hoorde, deed ik alsof mijn neus bloedde en slikte ik mijn tranen weg. Ik deed navraag bij bevriende collega's, die de bijnaam met schaamrood op hun kaken herkenden en bevestigden dat de term schuurmeisje inderdaad over mij ging. De maanden daarop ging ik met buikpijn naar mijn werk.

Zeven jaar later schijnen de discolampen in onze gezichten, waardoor ik niet kan zien of zij mij ook herkent. Misschien zijn het de jaren in plaats van het licht. Even schiet het door mijn kop en twijfel ik om naar haar toe te lopen, om te vertellen dat ik het haar heb horen zeggen; dat het pijn deed en dat ik géén schuurmeisje ben maar een schrijver. Het is een hand op mijn schouder die me van gedachte doet veranderen. De meest kleurrijke auteur van het feestje. Om iedere vinger een ring. In zijn glitterpak trekt hij me mee, de zweterige menigte in waar we samen dansen.

En, o ja… ook schuren.

Malou is schrijver, journalist en programmamaker. Een jaar geleden verscheen haar debuutroman ‘Zachtop lachen’, daarnaast presenteert ze de podcast ‘Dit komt nooit meer goed’ met Roos Schlikker, en de podcast ‘Tussen dertig en doodgaan’, samen met Tatjana Almuli.


Instagram: @malouholshuijsen

 

Malou Holshuijsen